Google Alerts waar je wel wat aan hebt

Het internet gaat snel. Heel snel. De ontwikkelingen zijn niet te stoppen. En over je vakgebied is elke dag wel iets boeiends te lezen. Om dat bij te houden kun je natuurlijk Google Alerts instellen. Zo krijg je een melding in je mailbox als iets zinnigs wordt gezegd over jouw expertise. Alleen heeft Google Alerts één nadeel. Het staat standaard op Nederlands. Je krijgt dus alleen Nederlandse resultaten te zien.

Wil je de concurrentie voor zijn? Wil je de blogposts lezen vóór iemand in Nederland ze heeft vertaald en een eigen conclusie heeft gevormd? Zet dan je Alerts op Engels. Hoe je dat doet, leg ik uit in deze blogpost.

Standaard staat Google op Nederlands. De zoekmachine herkent waar je vandaan komt en past de instellingen aan, aan Nederlands. Heel handig en aardig.

Google Alerts – Nederlands

Maar laten we eerlijk zijn. Het Social Media, PR of Communicatienieuws komt eerst door in Amerika. En daar doen we dan wat mee in Nederland. Om Google Alerts op Engels in te stellen, moeten we de taal aanpassen waarin Google ons de informatie aanbiedt. Dit doe je door het Pull Down menu te kiezen en te klikken op Account.

Pull down menu – account

Hierna kom je op de overzichtspagina van je account. Hier kun je kiezen uit de gewenste taal onder Language. Deze zetten we van Nederlands op Engels (United States).

Google Account

Klikken we op het overzicht naast Primary Language, dan kunnen we een keuze maken.

Primary Language – Google Alerts

We stellen nu de taal in op English United States en je Account is aangepast.

Kijken we nu bij Google Alerts dan staat deze op Engels.

Google Alerts – Engels

Voortaan krijg je dus Engelstalige meldingen in je Inbox. Wil je ook de Nederlandse resultaten? Dan zet je de taal weer terug naar Nederlands. Je blijft dan zowel de Nederlandstalige – als de Engelstalige posts ontvangen.

Wat Dungeons & Dragons mij heeft geleerd over copywriting

Laat ik het gewoon maar toegeven. Onder die strenge ava en het strakke pak zit een nerd. Een hele speciale soort nerd. Een Role Playing Game-nerd. Jazeker, ik houd van RPG en schaam me er niet voor. Al meer dan 20 jaar rol ik mijn 20-zijdige dobbelsteen en wekelijks bevecht ik hordes ondoden, draken, Orks, Goblins, tovenaars en andere fantasiebeesten. En dat is best handig voor een copywriter.

Wat ik heb geleerd van 20 jaar Dungeons & Dragons? Meer dan je zou denken…

Wat is Dungeons & Dragons?
Voordat ik inga op de ‘Lessons Learned’, een korte introductie op het gegeven Dungeons & Dragons. “Dungeons & Dragons (D&D) is een rollenspel dat is ontstaan in de jaren 70. Vandaag de dag spelen wereldwijd circa 20 miljoen mensen D&D. Het wordt gespeeld door een groep spelers (3 tot 6 personen), plus de spelleider (de Dungeon Master). De spelers zijn vrij om hun personage te laten doen wat zij willen, hoewel er richtlijnen worden gegeven waar de personages zich aan moeten houden. De uitkomst van de meeste acties wordt bepaald door het gooien van één of meer meerzijdige (4-6-8-10-12-20) dobbelstenen.” Aldus de nerds bij Wikipedia.

Beroemde nerds
Tot zover het spel… Overigens ben ik als nerd in goed gezelschap. Zo zijn acteur Vin Diesel, NBA basketballer Tim Duncan, acteur James Franco, Matt Groening (van de Simpsons) en de muzikanten Marilyn Manson en Moby al jaren bekende RPG-nerds. Maar ook de acteurs Robin Williams, Mike Myers, Karl Urban en Trekkie Wil Wheaton staan bekend om deze prettige afwijking.

Maar goed. Je komt hier om te lezen over wat het doet voor copywriting. Daarom mijn top zoveel “Lessen geleerd door Dungeons & Dragons”.


1. Iedereen wil iemand anders zijn
De kleine, dunne, stille jongen wil de grote luide barbaar met de hamer zijn. De stotteraar, een snel pratende, zakkenvullende dief. En de grote boom van een vent een lichtvoetig boselfje. Binnen het spel maakt iedereen een personage. En dat personage zegt veel over de hoop en dromen van de persoon die het heeft gemaakt. Of niet. Want het is fantasy. En draken bestaan.

Voor de copywriter:
Feit blijft dat iedereen wel eens wat anders wil zijn. Al is het maar voor een paar uur. Het stille verlangen is een goede voedingsbodem voor een copywriter. Wat schuilt er in jouw lezer? Welke verborgen verlangens spreek je aan?

2. Een personage maak je niet zomaar
Een personage groeit. Door de tijd heen. Je voegt dingen toe. Je haalt dingen weg. Van het eerste level boertje dat de grote boze wereld intrekt tot de twintigste level tovenaar die zich van universum naar universum tovert. De personages die je bijblijven, zijn die types die goed zijn uitgewerkt. Die zijn gegroeid. De personages van vlees en bloed.

Voor de copywriter:
Kijk nu eens naar je doelgroep. Is het een eendimensionale beschrijving? Algemeenheden en demografische aannames? Of zijn het personages van vlees en bloed. Kun je elk detail voor ogen halen? Of schrijf je voor een schimmige massa? Hoe ziet jouw lezer er uit?


3. Houd de spanningsboog kort
Zoals de meeste mensen zijn we snel… Hey moet je daar kijken!… Afgeleid dus. Het is moeilijk om een langdradig verhaal met veel plots en subplots over meerdere avonden goed te laten lopen. Zeker binnen mijn groepje krijg je dan snel glazige blikken. Waar zijn we? Wat doen we? Waar ben je mee bezig?! Meestal zit er in een goede speelsessie een stukje uitzoeken en dan snel weer een stukje vechten. En dan nog meer vechten.

Voor de copywriter:
Houd de spanningsboog gespannen. Voor je het weet is de lezer weg. En dan gaan ze glazig kijken. Houd de spanning hoog en maak het niet te lang. En bij twijfel. Gooi er een goed gevecht in.


4. Iedereen wil wel eens de slechterik zijn
In de basis draait Dungeons & Dragons om het aloude gevecht tussen Goed (tatatadaaaa!) en het Kwaad (booooeeeh). Maar na 20 jaar spelen wil je ook wel eens wat anders. Je wilt ook wel eens weten hoe het is om de Evil Nemesis te zijn *insert evil laugh*. Laat je spelers eens een slechterik zijn.

Voor de copywriter:
Weet je niet meer hoe het ‘goed’ moet, kies dan eens de andere kant. Verander je perspectief. Draai het hele verhaal om. Het is veel interessanter voor de lezer om precies het tegenovergestelde van wat hij of zij verwacht, te zien. Wees de slechterik.


5. Mensen lezen heel goed als ze er voordeel uit kunnen halen
Om Dungeons & Dragons te spelen heb je boeken nodig. Heel veel boeken. In die boeken staan de regels. Heel veel regels. En iedereen leest die regels net even anders. Mits het in hun voordeel is. Waardoor je de hele avond in een discussie zit over de regels. Want we zijn mierenneukers als het om de regels gaat.

Voor de copywriter:
Mensen interpreteren woorden in hun voordeel. Let altijd op interpretatie. Wees ondubbelzinnig. Of wees bereid om de hele avond in discussie te gaan.


6. Wees duidelijk! Nee, nog duidelijker! Nee, nog een beetje duidelijker!
Als leider van het spel neem je, je spelers mee op een reis in hun fantasie. Om ze van de zorgen van hun werk naar de donkere straten van de stad Waterdeep en het bevechten van draken te halen, zul je dus heel wat uit de kast moeten halen. Om onze fantasie te prikkelen, moeten we heel duidelijk zijn en het makkelijk maken om het plaatje zelf verder in te vullen.

Neem het volgende voorbeeld.

Voorbeeld A: “Je doet de deur open en stapt een oude vervallen bibliotheek binnen.”

Tegenover voorbeeld B: “De oude, bruine, eikenhouten deur van de bibliotheek gaat moeilijk en krakend open. Een muffe geur van oud en afbrokkelend perkament komt je tegemoet en je moet hoesten van het vele stof dat door de binnenkomende wind opdwarrelt. Als je een stap naar voren doet kriebelt een achtergelaten spinnenweb lichtjes over je huid. In de dikke lage stof op de koude stenen vloer blijft je voetstap duidelijk zichtbaar achter. Je ziet voor je eindeloze stapels boeken tot aan het hoge plafond. Het is verder stil. Te stil. Hier is al in geen eeuwen een mens geweest.”

Waar ben je daadwerkelijk daar? Bij voorbeeld A of B?

Voor de copywriter:
Schets je een beeld? Schets dan een volledig beeld. Denk na over elk detail. Maak het plaatje compleet zodat wij zelf de rest kunnen inkleuren.

Hoe kom je tot een menselijke stem in je blog?

Personalisatie. We hebben er de mond vol van. 2013 is en wordt het jaar van personalisatie! Mensen willen aangesproken worden door mensen. Op een persoonlijke manier. Zoveel heeft Social Media ons ondertussen wel geleerd. Toch? Een menselijke stem hoort daar automatisch bij. Toch is het voor velen van ons moeilijk om menselijk te blijven. Uiteindelijk is er rekening te houden met een doel, zeker als je zakelijk aan het bloggen gaat. En dat wringt. 

Als ik zo terugkijk op mijn eigen blog, dan zijn mijn eerste posts van een stijfheid en correctheid die ik me vandaag de dag niet meer voor kan stellen. Hoog van de toren blazend in de U-vorm.

Hoort mijn woord! Aanschouw mijn wijsheid!

Ik denk niet dat iemand dat met plezier heeft gelezen, maar toch; iedereen moet ergens beginnen. Dat losser worden in toon komt vanzelf wel. Toch toon ik je graag enkele valkuilen. Ontwijk deze en je bent sneller op weg naar een menselijke stem.

De eerste valkuil: massa
De eerste valkuil is helder. Het Grote Publiek. Je hebt het hele wereldwijde web aan je voeten. De hele massa wacht met ingehouden adem op jouw woorden. Verlos ons met je wijsheid oh grote blogger… Wrong! Het is moeilijk je voor te stellen dat je tegen een grote massa een menselijke stem vol kunt houden. Dus vergeet dat beeld.

De massaparadox
Je wilt wel veel lezers, maar je moet niet uitgaan van veel lezers. Paradoxaal? Minstens, maar dat maakt het wel zo leuk. Het idee van De Massa alleen al werkt voor veel mensen namelijk verlammend. Daardoor schieten ze in een automatische reflex van corporate onzinnigheid. Het voelt veilig om je te verschuilen achter bullshit bingo als je voor een massa staat.

Een klein intermezzo
Even een anekdote, we gaan zo verder… Ik liep op Koninginnedag door Rotterdam te struinen, zoals men op Koninginnedag nog wel eens wil struinen, en er kwam een nogal fors gebouwde jongen op mij aflopen. Type stierennek. Hangt veel rond in de sportschool. Gouden ketting. Grote tatoeages. Het meest verbazend aan dit persoontje was echter zijn t-shirt. Daar stond namelijk in mooie, grote, witte letters op een zwarte achtergrond. More people read this t-shirt than your blog. Ik keek hem even lachend aan en dacht: “Verdomd… Realitycheck!”

Terug naar het onderwerp. Denk eens na over de andere kant van je beeldscherm. Wie zit daar?

Een persoontje
Er zit geen massa rond het beeldscherm. Je blog is geen mededeling van de Koningin. Er zit één persoon. Een persoontje is in de hectiek van die dag jouw woorden aan het lezen. Op een tablet in de trein. Op een mobieltje op de wc. Op werk op de desktop. Tenzij ze de hele afdeling er bij halen om jouw geniale woorden te lezen, zit je met zijn tweetjes… Knus.

Lossere toon
Maak je doelgroep dus klein. Ongeveer zo klein als één persoon. Denk maar eens aan Tante Ria of Ome Kees op de verjaardag. Leg haar nou eens uit wat je doet tussen twee hapjes kaas, een stukje leverworst en een flesje fris. Ik garandeer je dat je toon direct losser wordt.

De tweede valkuil: intentie
Mag ik even met je praten? Over een onderwerp waarvan ik denk dat jij het interessant zult vinden? Mag ik een momentje van je tijd? Fijn. Dank je wel. Laten we even samen gaan zitten en hier naar kijken. Ik denk namelijk dat het voor jou handig kan zijn.

Lichtelijk over the top natuurlijk, maar geef iemand de kans zich op zijn of haar gemak te voelen, voordat je ze jouw aanbod onder de neus schuift. De tweede valkuil is dan ook intentie.

Het gaat om de intentie.

De intentie heeft namelijk de vervelende eigenschap nogal doorzichtig te zijn. Hoe goed je ook je best doet het te maskeren, het schijnt door als een witte zwembroek in de zee. We lezen tussen de regels en daar staat in rode koeienletters SALES! En dat is funest voor je menselijke stem.

Je zit met z’n tweetjes knus rond het beeldscherm, weet je nog. Verstier je de sfeer door direct over geld te beginnen? Natuurlijk niet.

Hoe doe je dat dan wel? Door even je targets te vergeten. Door even te vergeten dat er een loods vol onverkochte producten achter je staat die schreeuwt om klanten.

De intentie mag en kan maar een ding zijn. Daadwerkelijk je klant willen helpen. Dit doet wonderen voor je menselijke stem. Reik je de juiste informatie op het juiste moment aan, omdat je denkt dat je klant hierbij geholpen is? Je toon zal direct losser zijn, omdat je niet hoeft te verbergen dat je iets probeert te verkopen.

De derde valkuil: segmentatie
Waarom is segmentatie een valkuil? Omdat we er nog niet ver genoeg in gaan. We beperken ons tot algemeenheden. Doelgroepomschrijvingen. Demografie. Aannames.

De toverwoorden voor een persoonlijke stem? Extreme segmentatie. Niet een beetje lafjes demografische informatie op een hoopje scheppen en dat je doelgroep noemen. Maar echt de tijd nemen om je klant te leren kennen. Wil je met een persoonlijke stem tegen je klanten praten? Nodig ze uit.

Niet de massa. Niet de doelgroep. De klant. Die ene persoon aan de andere kant van het beeldscherm. Zoek uit. Segmenteer tot op detailniveau. Tik geen letter, voordat je weet tegen wie je nu eigenlijk praat.

Waarom? Omdat het veel eenvoudiger is menselijk te zijn als je een beeld van een mens voor ogen hebt. Breng het terug naar het niveau van één mens. En praat tegen een mens.

De vierde valkuil: wenselijkheid en werkelijkheid
De laatste valkuil is een eenvoudige. Je zit knus met zijn tweetjes rond het beeldscherm. Het is je intentie om je klant daadwerkelijk te helpen. Je hebt je onderzoek gedaan en praat met de juiste persoon… Toch?

Helaas. Je praat met een geest.
Je praat met de ideale klant in je hoofd.

Alles is te interpreteren. Alles is te draaien. Alles is naar je hand te zetten. Is de persoon aan de andere kant de werkelijke klant? Of de klant die je graag zou hebben? Tussen wenselijkheid en werkelijkheid zit een heel schemergebied. Richt je op de droomklant en je slaat de plank mis.

Doe een stap terug. Kijk objectief naar de data. Kijk naar de segmentatie. En leg deze naast de werkelijkheid.

Een eenvoudig voorbeeld uit de praktijk. Ik had online mijn Social Media-omgeving ingericht voor mijn doelgroep: bewoners van een Kluswoning in Rotterdam. Dit zou de verzamelplek worden voor betrokken burgers uit Rotterdam om samen te praten over hun niche.

Ik had het helemaal voor ogen. Hoogopgeleid. Jong koppel. Houd van avontuur. Klust graag. Zal wel van Social Media houden. Klopt ook voor ongeveer 80%.

Weet je waar ik het meeste reactie op kreeg? Een persbericht in het Lokale Suffertje. Mensen die de hele dag klussen, die gaan niet direct online. Die trekken de lokale krant uit de bus en lezen deze even rap voor ze gesloopt in slaap vallen. Wenselijkheid. Werkelijkheid. Weet waar je aanname begint.

Deze blogpost is eerder verschenen op IncredibleAdventure.nl – http://incredibleadventure.nl/2013/02/incredible-gasten-hoe-kom-je-tot-een-menselijke-stem-in-je-blog/

Copywriting: van segmentatie naar personalisatie

De relatie met de lezer is steeds persoonlijker aan het worden. We komen dankzij online data steeds dichter bij de persoon aan de andere kant van het beeldscherm. Dat heeft gevolgen voor het vak van copywriter. Hele mooie gevolgen. Hoe meer we weten van onze lezer, hoe beter we kunnen schrijven over de daadwerkelijke wensen en eisen van deze lezer. 

Hoe verder in de segmentatie, hoe meer informatie we echter nodig hebben. Segmentatie wordt vervangen door personalisatie. Aanname door weten.


1. Massa 

Van segmentatie naar personalisatie




Het eerste niveau is massa. Een grote onzichtbare massa. We weten niet wat de massa wil. We schieten een boodschap op ze af en weten niet of deze doel raakt. Kijken we naar massa, dan kunnen we allerlei aannames doen over hoe de lezer zal reageren, maar zeker weten doen we het nog niet. Er is nog geen enkele segmentatie. We staan nog ver van de persoon af. 



2. Doelgroep 

Om toch een bepaalde afbakening te maken, zijn we gaan werken met doelgroepen. Dit is een onderdeel van de massa. Het eerste niveau van segmentatie. We doen aannames over een bepaalde groep lezers. Demografische gegevens geven ons inzicht in een groep. Hoewel we hier al enige segmentatie toevoegen – we gaan van massa naar een deel van de massa – zitten we nog niet op het gewenste detailniveau om onderbouwde uitspraken te kunnen doen over de personen in de groep.

3. Persona

Uit de wereld van design halen we vervolgens de persona. We maken een portret van één persoon binnen de doelgroep. Een mogelijke bezoeker van de website. We proberen zo’n helder mogelijk beeld te schetsen van deze persoon. Wat zijn de taken van de bezoeker? Wat zijn de demografische gegevens? Wat zijn de psychologische gegevens? Wat is het online gedrag van onze persona? Het schetsen van een beoogde lezer heeft nog niet veel te maken met segmentatie, maar geeft ons een beeld om op te richten. We richten ons op een mens.

4. Profiel

Via Social Media komen we achter steeds meer data. Mits we hier goed gebruik van maken kunnen we profielen van onze lezers aanmaken. De segmentatie neemt toe. De aanname neemt af. Op dit moment is de belofte van Social Media dan ook vaak het bieden van demografische gegevens aan marketeers, waarmee ze hun aanbod nog meer kunnen toespitsen op de online profielen. Ons aanbod online passen we steeds maar aan, aan het profiel van de bezoeker.

5. Persoon

De volgende stap? We zijn dankzij constante segmentatie terug bij de persoon. Personalisatie van de content is al stevig onderweg. We kunnen op basis van data onze content toespitsen op de bezoeker en deze in realtime aanpassen. Voor de copywriter natuurlijk een mooie uitdaging. Want we kunnen op basis van data elke beweging op de website registreren en hier onze toon en aanbod op aanpassen.