In zeven stappen van jargon af

Hoe kun je de gewoonte van jargon afleren?

Het standaardantwoord op mijn strijd tegen jargon is altijd geweest: dat is nu eenmaal de manier waarop we hier praten. Zo spreken we in onze niche. Waarop ik meestal antwoord: “Nee, dat is de manier waarop je jezelf hebt geleerd om te spreken in een poging om bij de groep te horen.” Geen erg populair antwoord, dat ik moet toegeven, maar de waarheid doet meestal een beetje pijn.

De laatste tijd heb ik veel nagedacht over het idee van afleren. Het vergeten en stoppen met het bewust doen van een handeling. Bijvoorbeeld omdat deze handeling slecht of onjuist is.

De slechte gewoonte

Wat als we jargon zien als een slechte gewoonte? Kunnen we deze gewoonte dan afleren? Vergelijk het met roken. Alle coole kinderen doen het. Dus je voelt de druk het ook te doen. Maar wat zou het betekenen als je zou werken in een omgeving waar jargon compleet verboden was? Net zoals de meeste rokers nu beperkt zijn tot kleine cellen buiten het kantoor om hun shot nicotine te krijgen?

  • Zou het mogelijk zijn jargon uit een bedrijf te halen?
  • Zou het mogelijk zijn jargon te af te leren?

Open, duidelijk en authentiek

Ik vecht nu al een paar jaar tegen jargon. Ik probeer mensen te overtuigen dat jargon in veel opzichten verkeerd is. Zeker in het huidige online landschap, waar klanten zich steeds meer richten op openheid, duidelijkheid en authenticiteit. Niet het beste moment om je achter grote woorden te verstoppen. Ik geloof echt dat jargon niets anders is dan een slechte gewoonte die duidelijke, eerlijke en menselijke communicatie in de weg staat. Maar hoe leren we het dan af?

1. Jargon definiëren

Eerst moet je begrijpen wat we eigenlijk moeten afleren. Wat betekent jargon binnen je bedrijf? Ik denk dat jargon elke keer is dat je taal gebruikt om een afstand te creëren tussen zij ‘die weten’ en zij ‘die niet weten’. Jargon is de taal van buitensluiting. Of om het om te draaien. Jargon is de taal van een besloten groep.

Het duurt hooguit twee maanden voordat nieuwe werknemers dezelfde woorden gebruiken als hun collega’ s. Of ze begrijpen wat er gezegd wordt, maakt niet uit. Aanpassen aan de groep is waar het om draait. Dat komt door dezelfde taal te gebruiken als de besloten groep collega’s. Jargon is de taal van binnenuit. Het is de taal van conformiteit. Het maakt niet uit of het duidelijke, menselijke communicatie belemmert. Uiteindelijk regeert de ongeschreven regel: zo spreken we hier.

2. Erkennen dat je een probleem hebt

De eerste stap om met een slechte gewoonte te breken? Toegeven dat je een probleem hebt. De meeste mensen zien geen probleem in hun jargon-gebruik. Net als de waarschuwingen op sigaretten zullen de meeste mensen signalen negeren dat ze eigenlijk verslaafd zijn aan jargon. En dat jargon en afkortingen slechts toegangspoorten zijn naar totale corporate bullshit-verslaving. Sommige mensen zullen zo verslaafd raken aan het misbruik van jargon dat ze volkomen onbegrijpelijk zullen worden. Behalve voor de andere mompelende jargon-junkies.

Oké, misschien dat ik een beetje doordraaf met mijn metafoor, maar je begrijpt wat ik wil zeggen. Jargon is voor veel mensen een manier van leven. Ze hebben zichzelf en delen van hun ego verbonden aan de woorden die ze gebruiken. Dat doorbreken en toegeven dat jargon bezoekers in de weg staat om klanten te worden en dat het eigenlijk slecht is voor bedrijven als mensen geen idee hebben waar je het over hebt… Dat is de openbaring waar we naar moeten streven.

3. Jargon als slechte gewoonte

Jargon als een probleem zien is één stap. Als we echter willen veranderen, moeten we het ook zien als een slechte gewoonte. Als iets dat eigenlijk slecht is voor ons bedrijf. Het simpele feit is het volgende: als je bezoeker niet begrijpt wat je zegt, zal hij of zij gewoon weggaan. Al je mooie content is voor niets gemaakt. Geen begrip betekent geen vertrouwen betekent geen kans op conversie. Begrijp dat en zie jargon voor wat het is. Jargon is inhoud-obesitas. Je website wordt vet van woorden die geen waarde hebben. Net zoals obesitas zal het langzaam je bedrijf doden.

4. Begrijpen dat jargon een verzonnen taal is

Jargon is niet echt. Het maakt geen deel uit van ons gewone gesprek. Het is niet iets wat we dagelijks nodig hebben. Het maakt geen deel uit van onze natuurlijke manier van praten. De woorden die we gebruiken binnen jargon zijn allemaal op het ene of het andere moment verzonnen. Om een speciale techniek of dienst te beschrijven. Om een product mooi te laten klinken. Om spullen te verkopen. Door het dagelijks te gebruiken binnen je bedrijf zijn deze woorden een onderdeel geworden van je normale gesprek… Maar hoe we ook denken dat jargon een normale taal is. Dat is het niet. Deze woorden werden bedacht door mensen in de besloten groep voor mensen in de besloten groep. Haal ze eens weg en communiceer met woorden die iedereen begrijpt.

5. Jargon van zijn voetstuk halen

Willen we jargon als een slechte gewoonte zien? Dan moeten we het van zijn voetstuk halen. Geloof me, ik ken veel mensen die een mate van persoonlijke voldoening vinden in jargon. Jargon is vaak verbonden met het ego. Jij begrijpt de speciale woorden die bij je positie horen en wanneer mensen niet begrijpen wat je zegt, is dat omdat ze niet in jouw positie zitten. Mensen lager in de pikorde van je bedrijf zullen je taal kopiëren, zodat ze zich even op hetzelfde niveau voelen als hun superieuren.

Daarom is het weghalen van jargon voor veel mensen zo eng. Het niet gebruiken van jargon is de grote gelijkmaker. Als iedereen kan begrijpen wat de ander doet, blijkt meestal dat het niet zo belangrijk is wat je leidinggevende eigenlijk dagelijks doet. De speciale woorden die met die baan verbonden zijn, geven hem of haar kracht. Neem die kracht dus weg en kijk of je nog steeds kunt functioneren zonder je achter grote woorden te verschuilen.

6. Jargon losknippen van je cultuur en vice versa

Als de cultuur van je bedrijf gezond is en gebaseerd op menselijke waarden, dan is er geen jargon nodig. Cultuur is content. En een cultuur die vergiftigd is door jargon — waar jargon gebruikt wordt voor hiërarchische doeleinden — zal content uitsturen waar de nadruk ligt op het gebruik van dat jargon. Duidelijke taal maakt iedereen gelijk. Streef dus naar een cultuur waarin iedereen dezelfde taal spreekt en begrijpt. En stop met jargon om te verdelen en heersen.

7. Haal jargon uit de opleiding

Voordat mensen in je bedrijf komen werken, gaan ze naar school…. waar ze al leren om de juiste woorden te gebruiken die bij hun toekomstige beroep horen. Wat als we eens stoppen met het onderwijzen van jargon? Serieus. Stop gewoon met het onderwijzen van jargon als onderdeel van het onderwijs voor een bepaald beroep. Als we een einde willen maken aan jargon zullen we bij de wortels moeten beginnen. Stop met het vullen van de hoofden van toekomstige ondernemers of collega’s met woorden die geen enkele betekenis hebben.

Your website is a bumpy slide

A short(ish) manifesto on online copywriting

I am on a quest. Always will be. Always have been. It is my conviction that I have been put on this earth to ensure that every online experience is an effortless experience.
At least for my small part… online copywriting.
Allow me to take you into my world.
Where my sole obsession is simple:
How can I personally help you get through one task with as little frustration as possible?

“Your website is a bumpy slide” verder lezen

De Game of Thrones van online copywriting

De Game of Thrones van online copywriting

Of het listige spel van overtuiging

Dit artikel kost je: [est_time]

Direct naar: Intentie of doel

DISCLAIMER: IK SCHREEF DIT VOOR MIJN PLEZIER MET EEN GEZONDE DOSIS IRONIE. NIET TE VERWARREN MET SERIEUS ADVIES. DAN WEET U DAT.

Een copywriter is een schrijver die moet overtuigen met woorden. Bij sommige mensen heeft dat toch een nare nasmaak. Overtuigen is uiteindelijk namelijk een aanval. Ik probeer met woorden door jouw verdediging als lezer heen te breken. Mijn overtuigingskracht moet sterker zijn dan al je twijfel en je natuurlijke paranoia. Ik moet in je hoofd kruipen, je weerstand breken en zorgen dat je hersenen zeggen; klinkt plausibel, ik vertrouw deze mensen wel. “De Game of Thrones van online copywriting” verder lezen

Online copywriting in 60 minuten komt uit op 15 april

Online copywriting in 60 minuten komt uit op 15 april

Blog Online copywriting in 60 minuten

Welke positie neem jij met je organisatie in op het overvolle internet? Waaraan kan ik je herkennen in de constante stroom content? En hoe raken wij uiteindelijk met elkaar in gesprek? Voor veel organisaties is een gesprek met de online copywriter het eerste moment om over hun online positionering na te denken. En dat is jammer, want dan is het vaak al te laat. Maar hoe kun je als organisatie online onderscheidend zijn? “Online copywriting in 60 minuten komt uit op 15 april” verder lezen

Bewaak je online identiteit met een redactionele stijlgids

We hebben als organisaties steeds meer middelen, kanalen en platforms tot onze beschikking om online het gesprek aan te gaan met onze klanten. Van webcare op social media tot aan de good old corporate website, van e-mail tot chat en livestreams. Een wildgroei aan mogelijkheden om online te praten komt op ons af. Hoe bewaken we online onze toon in deze jungle? Hoe communiceren we online consequent en consistent? Met een redactionele stijlgids. 

In mijn eerdere artikel over de vier fases van een menselijke toon heb ik het zijdelings over een stijlgids gehad. In een stijlgids leg je de identiteit van je merk vast. Vaak gaat dit om een visuele stijlgids en ligt de nadruk op het nauwkeurig  bewaken van de online huisstijl. De stijlgids gaat in op vragen over het gebruik van typografie, logo’s, plaatsing van logo’s en de juiste huisstijlkleuren. Toch is de manier van praten hier een essentieel – en vaak ondergewaardeerd – onderdeel van.

Hoe wij online praten is minstens zo belangrijk voor onze identiteit als het beeld.

Wat is een stijlgids?

Om discussies over definities te voorkomen – wat versta ik onder een stijlgids? Een stijlgids of stijlboek is volgens Wikipedia namelijk een publicatie met een serie regels voor het schrijven. In het algemeen is het doel van een stijlgids om vaste regels voor het schrijven en de spelling te geven. Leuk, in de basis correct, maar wel een tikkeltje droog.

Een redactionele stijlgids

In mijn ogen moet een redactionele stijlgids namelijk verder gaan. Het is niet alleen een technisch document met de correcte spelling binnen onze niche of de voorkeurspelling van afkortingen. Het moet de richtlijnen leveren voor de manier waarop wij als organisatie online communiceren en onze medewerkers motiveren deze manier van praten te volgen.

Een goede redactionele stijlgids zorgt dat iedereen binnen de organisatie snapt dat de gekozen toon op onze website, binnen onze middelen, kanalen en online campagnes een essentieel onderdeel is van onze identiteit. Dat daar over is nagedacht en dat we deze toon dus consequent moeten toepassen.

Waarom een redactionele stijlgids: 2 redenen

Waarom zou je de manier waarop je online praat formeel vastleggen? In de basis zou ik zeggen: om uniformiteit te garanderen in stijl – ongeacht waar we praten – en daarmee te zorgen dat we geen afbreuk doen aan ons merk. Daarnaast zie ik twee duidelijke ontwikkelingen die zorgen dat dit nu – anno 2015 – belangrijker is dan ooit.

 

1. Toenemend belang van de juiste toon

Hoe we online praten is een steeds belangrijker onderdeel van onze identiteit. Dankzij Social Media komen klanten direct in contact met organisaties. Dat vraagt een aanpassing in de toon van het gesprek van formeel naar informeel. Van massa naar persoonlijk. Van afstandelijk naar dichtbij. Nu organisaties leren dat ze online terug kunnen praten met de mensen die ze klanten noemen, wordt het dus belangrijk die toon eens goed vast te leggen.

2. Consistentie in de communicatie

Hoe meer de nadruk op toon komt te liggen, hoe belangrijker het is dat we online consistent communiceren. Het belangrijkste doel van een redactionele stijlgids is dan ook consistentie. Het garandeert dat we over alle online kanalen, middelen en campagnes een zelfde toon aan blijven slaan. Het zorgt voor eenduidigheid en daarmee voor helderheid en betrouwbaarheid. ‘Heb ik nog steeds met dezelfde organisatie te maken? Ja, want ze klinken nog steeds hetzelfde.’

Inspiratie: stijlgidsen van Adobe & Mozilla

Door twee voorbeelden naast elkaar te leggen, ontdekken we de subtiele – en niet zo subtiele – verschillen in het beschrijven van de toon van die organisatie. Door deze richtlijnen te lezen krijg je een beeld van hoe een organisatie in zijn on- en offline middelen wenst te praten, maar ook hoe de organisatie in de wereld staat. Ze geven indirect een kijkje in de mentaliteit achter de identiteit.

Adobe

The editorial voice is honest, visionary, smart, and caring — editorial analogues to our brand
personality attributes: genuine, innovative, exceptional, and involved. The editorial voice seeks to foster an emotional connection between customers and the Adobe brand. Therefore, it must contain life and compel a reaction.

We expect a certain level of intelligence from our audience, avoiding lowest-common-denominator communication. Visuals and type should not compete, but support each other. We are direct and confident, bold yet not boastful. In display type, the voice should speak peer to peer and focus on real-world value rather than technical features.

We speak conversationally. We express a passion for technology but an understanding that
innovation is nothing without customer benefit. We have a strong voice that understands customer needs, leads changes, and commands trust. We revolutionize the way people communicate with ideas and information. We are revolutionaries.

Mozilla

Mozillians live all over the world. We have different roles. We do different jobs (often several at once). But one thing we have in common is that we’re a group of human beings building products and technologies for other human beings.

Whenever a user — or anyone else, for that matter — reads a piece of Mozilla communication, they should feel like there’s a person on the other end who recognizes that they are the same. They should feel like we care about them and how they spend their time online. That’s not a gimmick or a piece of marketing, either. It’s one of the principles Mozilla was founded on.

So what does that mean, practically speaking? It means that, yes, sometimes we’ll use colloquial or conversational language. We’ll use contractions and speak to people in a familiar way (sorry, couldn’t think of another word that started with a C). We’ll use humor to make people feel good. Or be serious when the situation warrants.

The point is, we never want our users to forget that there are real live people behind our products and our words. And when writing, we can’t forget that, either. As our Firefox Brand Platform states, we should be unconventional, engaging, honest, smart and confident. If you remember that, you should be in good shape.

Zelf aan de slag met een redactionele stijlgids

Zelf een redactionele stijlgids maken is een kwestie van met je organisatie bepalen hoe je in het online gesprek wilt klinken. En je hier vervolgens aan houden. Dat klinkt eenvoudig, maar je loopt in de realiteit natuurlijk tegen allerlei interne belanghebbenden aan. Je moet de interne organisatie meenemen en zorgen dat de online toon ook echt klopt bij hoe je organisatie is.

Tip 1: Practice what you preach

Doe zelf wat je zegt. Beide voorbeelden hierboven ‘praten’ volgens de toon die ze nastreven. Daardoor is direct te begrijpen hoe zo’n toon klinkt. Streef er dus naar om je online toon op te schrijven in de toon die je wilt bereiken. Beschrijf je online toon niet alleen, dat is veel te omslachtig en slaat vaak de plank mis. Zorg dat je online toon zo duidelijk is, dat deze direct motiveert om er zelf mee aan de slag te gaan.

Tip 2: Ga met je stijlgids langs de deuren

Een redactionele stijlgids schrijven is één ding. Een hele organisatie online anders laten praten is een ander punt. Voorkom het ‘intranet des doods’ en ga bij de mensen langs. Geef een workshop. Geef een presentatie. Geef een training. Gebruik je interne en sociale kanalen. En doe dat een paar keer. Maar vooral: wees zelf ook consequent. Signaleer goede online voorbeelden en bespreek slechte voorbeelden.

Tip 3: Laat tekst en beeld elkaar versterken

Zoals gezegd gaat het grootste gedeelte van een visuele stijlgids logischerwijs uit van beeld. Als een nagerecht komt dan vaak nog even de toon van onze online communicatie om de hoek kijken. Probeer hier een integraal geheel van te maken. Alleen door beeld en tekst met elkaar te laten versmelten krijg je de meerwaarde die nodig is om jouw merk en online toon onvergetelijk te maken.

Nadenken over hoe je online praat is altijd nuttig

Of je nu bij een multinational werkt of op je zolderkamer voor jezelf, nadenken over hoe je online praat is altijd een nuttige oefening. Het levert in ieder geval consistente communicatie op die daardoor betrouwbaarder overkomt. Zorg voor een online toon die bij je klopt, leg deze vast en houd hem vast.

Deze post is eerder verschenen op Frankwatching: http://www.frankwatching.com/archive/2015/04/07/bewaak-je-online-identiteit-met-een-redactionele-stijlgids/

10 signalen dat je nu in copywriting moet investeren

Elk stuk content is op een bepaald moment over zijn houdbaarheidsdatum heen. Wat ooit is gelanceerd als nieuwe informatie, voelt opeens ouderwets aan. Het klopt niet meer met waar je als organisatie staat. Of de content blijkt toch niet aan de resultaten bij te dragen zoals gewenst. Maar hoe weet je nu of je content een beetje begint te schimmelen? Hieronder 10 signalen dat het echt tijd wordt om in copywriting te investeren.

1. Content roept meer vragen op dan antwoorden

De telefoon staat roodgloeiend. Het callcenter wordt overspoeld. De vragen stromen binnen via e-mail. Het webcareteam heeft de handen vol aan alle Tweets.
Heel veel ondernemingen vergeten even de link te leggen tussen de vragen die bij de onderneming binnenkomen en de kwaliteit van hun content. Waar informatie online wordt gezet met de aanname ‘dat zullen ze wel begrijpen’, loop je de kans dat je klanten het helemaal niet begrijpen. En als we het als lezers niet snappen, zijn we vandaag de dag mondig genoeg om eens fijn een potje te klagen. Zorg dus dat klantenservice en het contentteam op een regelmatige basis met elkaar praat.
·         Zie je een stijging in een bepaald soort vragen?
·         Komt men steeds met dezelfde soort vraag?
·         Zijn er klachten over onduidelijke informatie?
Kijk eens naar wat je op contentvlak kunt verbeteren. Misschien is die informatie niet zo helder als gedacht.

2. Content richt zich niet op een duidelijke taak

Eenvoudig gezegd, gaan we online voor drie dingen: een aankoop, informatie inwinnen of entertainment. Elke zoekopdracht zal dus draaien om één van deze taken. Daar hoort dus een verwachtingspatroon bij.
·         Als ik zoek naar een aankoop, dan verwacht ik content die me gaat helpen bij die aankoop.
·         Ben ik nog niet zo ver, dan wil ik eerst informatie inwinnen of gewoon meer over een onderwerp weten.
·         Wil ik niets weten, maar alleen amusement, dan verwacht ik dus… amusement.
Toch gooien we die drie vormen vaak door elkaar. We leveren rare mengvormen aan content die zowel draaien om een aankoop, als om informatie, als om entertainment. Daar de balans in vinden, is moeilijk. Maar wel inzichtelijk te krijgen.
Heb je last van veel afhakers, dan gaat er dus ergens iets mis in je content tijdens de aankoop. Is men lang op de pagina en leest men veel, maar gebeurt er daarna niets… dan moet je eens kijken naar je microcopy en call to action. Ben je te serieus aan het verhandelen, als men gewoon entertainment verwacht? Een pagina moet altijd direct helder maken: jouw taak? Dat kun je hier doen. En verder niets.

3. Content wisselt sterk in toon

Op een grote corporate website en binnen grote organisaties ontstaan op termijn altijd wel eilandjes. Eigen werelden met een eigen taal en eigen gedrag. Ondanks deze eilanden – en het feit dat ze vaak geen contact met elkaar hebben – moet wel centraal op de toon van de gehele website worden gelet. Als je iedereen toegang geeft tot de website, dan krijg je evenveel verschillende tonen als je afdelingen binnen je organisatie hebt.
Inhoudelijke experts praten heel anders dan marketeers; techneuten anders dan managers. Laat je ze los binnen je website, dan is de toon dus niet consistent. Het zorgt niet voor een eenduidig beeld van een betrouwbare organisatie. Een sterke wisseling in toon over de gehele website wijst erop dat deze weer even gelijkgetrokken moet worden. Stel richtlijnen vast of stof ze nog eens af als je ze al hebt.

4. Content is niet consistent (kernboodschappen en beloften)

Elke organisatie draait om een belofte. Een organisatie is in het leven geroepen om aan behoefte X, Y of Z te voldoen. In de essentie van de organisatie zit de meest basale vorm van die belofte. En dus moet deze in elk woord terugkomen. In elke zin. En in elke alinea. Willen we onze klanten overtuigen van de kracht van die belofte, dan moeten we er wel voor waken dat deze overal consequent terugkomt.
Is bijvoorbeeld een essentieel onderdeel van onze organisatie dat we niet moeilijk doen over servicevragen, dan moet je niet ergens anders een lijvig document van legal hebben staan waarin we alles dichttimmeren. Een eenvoudig voorbeeld, maar over alle schijven en eilanden verliezen we het consistent doorvoeren van onze belofte. We verliezen het zicht op onze kernboodschap. Het wordt dus tijd om deze weer eens op te frissen.

5. Content klopt niet bij het bedrijf

Een afgeleide van punt 4 is het feit dat we soms content maken die helemaal niet klopt bij ons bedrijf. Die niet klopt bij onze cultuur. Die ons wellicht is aangepraat door goeroes. We raken een deel van onze essentie kwijt als we content spuien die in de basis niet klopt bij wie we zijn en waarom wij het doen zoals wij het doen.
·         Omdat we denken dat we MOETEN bloggen.
·         Omdat we denken dat we iets met whitepapers MOETEN.
·         Omdat we iets MOETEN met contentmarketing.
Onder de moeilijke term congruentie zit een duidelijke belofte verborgen. Zorg dat je content klopt bij je cultuur. En dat je content altijd je cultuur weergeeft. Anders detoneert het, simpel zat.

6. Content klopt niet bij de klant (niet relevant)

Elke organisatie stapt in de valkuil genaamd ‘de ideale klant’. Vele pagina’s content worden gemaakt vanuit de aannames van een klein aantal mensen in de organisatie. Dit is hoe onze klant eruit ziet. Dit is wat onze klant van onze content verwacht.
Maar heb je dat ook gecontroleerd? Veel organisaties slaan die stap maar even over. Geen tijd voor. Geen mensen voor. Ze pakken wat data en vormen een beeld van hun ideale klant. Het probleem van het niet even vragen aan de klant is dat je website dus vol content kan staan die niet relevant voor die klant is. Of die in ieder geval niet goed voelt voor de klant.
Veel mensen kijken naar zichzelf – ik zou dat zo handig vinden – of naar hun vrienden en familie als referentie. Maar de ideale klant is een onrealistisch droombeeld. Aan de andere kant van het scherm zit een zeer specifiek en eigenzinnig persoon. Help iedereen door je op niemand specifiek te richten. Houd op met aannames.

7. Content is te oppervlakkig of gaat juist te diep

Zo’n website vullen kan heel wat werk zijn. Laat sommige mensen aan het woord en je krijgt zeer kleine stukjes teksten die een beetje over de inhoud heen scheren. Laat inhoudelijke experts aan het woord en je krijgt complete naslagwerken en wetenschappelijk onderzoek op je website.
Dat kan leuk zijn, maar is niet altijd de bedoeling. Bovendien is het maar de vraag of iemand al die diepgravende informatie leest. Aan de andere kant is het jammer als een klant niet vindt wat hij of zij zoekt, omdat de geboden content te summier is. Het gevolg blijft hetzelfde, de lezer gaat wel ergens anders zoeken en de website draagt niet bij aan het resultaat.

8. Content is vaag (niet accuraat en niet helder)

Of het nu jargon is. Of een te grote focus op technische details. Of gewoon vaag taalgebruik… het resultaat blijft een klant die verward de website verlaat. Niemand is gebaat bij vage content. Het roept niet alleen vragen op (zie punt 1), maar zorgt ook voor wantrouwen.
·         Waarom zijn ze eigenlijk niet gewoon helder?
·         Waarom draaien ze om de waarheid heen?
·         Moet ik deze organisatie wel vertrouwen met mijn zuurverdiende geld?
Hoe angstaanjagend het ook kan zijn voor een organisatie, je bent alleen gebaat bij totale helderheid en bij een accurate weergave van de werkelijkheid. Alleen dan kan een klant met een gerust hart zeggen: ik snap wat er staat, ik snap wat het aanbod is – ik doe het!

9. Content is angstaanjagend (een groot blok)

Tussenkopjes. Gebruik ze.
Opsommingen. Gebruik ze.
Knip die lap tekst op. Hapbare blokjes. Geen content wall of death.

10. Content is slordig

Ja een typo mag. Kan iedereen gebeuren. Maar probeer het een beetje in te dammen. Daar hebben ze eindredacteuren voor uitgevonden. Maak er gebruik van. Laat iemand even door je tekst lopen. Haal slordigheden eruit. Ergerlijke taalfoutjes waar taalpuristen op kunnen aanslaan. Je weet niet waarop klanten afhaken? Misschien is het wel je slordige taalgebruik. Een heldere tekst is een tekst die ademt dat er met aandacht aan gewerkt is. Dat straalt af op je onderneming. Aandacht voor de tekst, is aandacht voor mij als klant. Een eenvoudige kans om goede sier te maken… of om af te gaan. 

Waarom de meeste websites lijken op scheten

All killer! No filler! Een leus uit de muziekwereld. Als een album van begin tot einde helemaal vol supernummers staat, dan noem je het ‘all killer, no filler’. Aan de andere kant heb je nodeloze intermezzo’s. Nummers die net niet helemaal af zijn, maar toch op het album komen. We moeten het toch ergens mee vullen en zo lijkt het al snel alsof er heel veel nummers op staan. Gooi die jam er maar bij, dan lijkt het nog wat. 

Gevolg: een middelmatig album met enkele uitschieters. 

Wat dat met je website te maken heeft? 

Kijk maar eens naar je website en stel jezelf de vraag: Is mijn website killer? Of staat het vol met filler? 

Veel websites zijn opgeblazen. Groter gemaakt dan strikt noodzakelijk. 

We vullen ze met lucht. En zorgen voor websites met een opgeblazen gevoel. Je raakt al buiten adem als je er naar kijkt. Poeh wat een lappen tekst, hijgen we amechtig als een mens met obesitas na drie verdiepingen traplopen.  

Waarom? 

Omdat we het moeilijker maken, dan het is. Omdat we van alles willen en denken te moeten met de eindeloze ruimte die een website ons biedt. 


Laten we het maar opvullen met tekst, dan lijkt het nog wat. 

Dus blazen we onderwerpen op. Maken we onze dienstverlening veel ingewikkelder. Proppen we onze productomschrijvingen tot het naadje toe vol met opgeblazen termen. We verzinnen er van alles bij. 

We weten ook wel dat het in de realiteit allemaal niet zoveel voorstelt… we doen ons werk en dat doen we gewoon goed. Maar toch schieten we online in de opblaasreflex:

Veel tekst! Dan lijkt het nog wat!

Alleen is die tekst voor 99% lucht. Het is een virtuele scheet. En het stinkt. Zoals je website stinkt. Hot air zoals de Engelsen zeggen. Leuk voor een luchtballon, maar online een zonde. 

Wederom, zoals zo vaak, draait het om intentie. Waar ga je voor? Waar gaan je interne stakeholders voor? Gaan we met z’n allen alleen maar voor killer? Of kiezen we voor de gemakkelijke weg van filler? 

Ben je de bewaker van de website of bewaker van een luchtballon? 

Elk woord op de juiste plek. En geen woord meer. 

Dat moet je intentie zijn. Ga alleen voor killer! 
Steek een naald in de luchtballon en laat je website leeglopen. 

Copywriting basis: Wat is het belangrijkste onderdeel van online copywriting?

Waar draait online copywriting nu helemaal om? Is het creatief zijn met taal? Is het informeren? Is het entertainen? Nee. Geen van deze antwoorden voldoet. 

Online copywriting draait maar om één doel: resultaat.

Eén doel

In tegenstelling tot een tekstschrijver is een online copywriter maar met één doel bezig: hoe bereik ik het gewenste resultaat? Waar communicatie in algemene zin draait om een verandering in kennis, houding en gedrag, draait online copywriting om het aanzetten tot een bepaalde handeling.

Van kop tot CTA

Bij online copywriting is het mooi als we zorgen voor merkherkenning. Natuurlijk is het handig als onze tekst informeert, maar in de basis is het doel te zorgen voor een resultaat. Tussen kop en call to action zetten online copywriters al hun beïnvloedingstechnieken in om tot het gewenste resultaat te komen.

Overtuigde klik

We nemen de klant aan de hand mee van de eerste regel tot de conversie. Het resultaat is een overtuigde klik op de bestelknop. Een klant die zegt: “Ja dit is mijn product of dienst en ik heb dat nodig, zorg dat ik het krijg!”

Afrekenen op resultaat

Van een online copywriter mag je dus vooral verwachten dat deze een trukendoos vol aan mogelijkheden heeft om tot resultaat te komen. En je mag een online copywriter dus afrekenen op zijn resultaat. Laat de conversies maar zien. Laat kennis zien van de beïnvloedingstechnieken. Laat kennis zien van meetbaar en bewijsbaar resultaat.