De Game of Thrones van online copywriting

De Game of Thrones van online copywriting

Of het listige spel van overtuiging

Dit artikel kost je: [est_time]

Direct naar: Intentie of doel

DISCLAIMER: IK SCHREEF DIT VOOR MIJN PLEZIER MET EEN GEZONDE DOSIS IRONIE. NIET TE VERWARREN MET SERIEUS ADVIES. DAN WEET U DAT.

Een copywriter is een schrijver die moet overtuigen met woorden. Bij sommige mensen heeft dat toch een nare nasmaak. Overtuigen is uiteindelijk namelijk een aanval. Ik probeer met woorden door jouw verdediging als lezer heen te breken. Mijn overtuigingskracht moet sterker zijn dan al je twijfel en je natuurlijke paranoia. Ik moet in je hoofd kruipen, je weerstand breken en zorgen dat je hersenen zeggen; klinkt plausibel, ik vertrouw deze mensen wel. “De Game of Thrones van online copywriting” verder lezen

Hoe zet je emotionele en rationele argumenten optimaal in?

Niemand is honderd procent emotioneel bij aankopen. Niemand is honderd procent rationeel bij aankopen. Toch zullen mensen een verschuiving van emotioneel naar rationeel maken hoe dieper ze in het aankoopproces komen. Waar een merk je aanspreekt op een emotioneel niveau, ga je pas over tot een aankoop nadat je ook je rationele argumenten hebt gecontroleerd. Hoe kun je hier optimaal op inspelen met de content op je website?

Emotioneel en rationeel

 

 

 

 

 

 

Hoewel ondertussen is gebleken dat veel van onze aankopen emotioneel zijn, hebben we nog steeds rationele argumenten nodig om onze aankoop achteraf goed te praten. Daarmee heeft elk aankoopproces van je klant een emotioneel argument en een rationeel argument nodig. Iedere bezoeker triggert op een andere manier. Iedere bezoeker moet dus worden aangesproken met zowel emotionele als rationele triggers om tot een conversie te komen.

 

[bctt tweet=”Hoe dieper de klant in het proces komt hoe meer de emotionele argumenten in kracht afnemen. “]

 

Hoe dieper de klant in het proces komt hoe meer de emotionele argumenten in kracht afnemen. Waar je misschien bij een auto eerst naar het merk en de kleur kijkt, kijk je dieper in het proces naar bijtelling, de zuinigheid van je auto in het dagelijks gebruik en de inhoud van de motor. De klant gaat van emotionele triggers op identiteit over naar rationele triggers op productniveau.

Emotionele argumenten

 

 

 

 

 

 

Waar de emotie afneemt, neemt de ratio toe.

Rationele Argumenten

 

 

 

 

 

 

Tot zover niets aan de hand, maar zoals gezegd – niemand is 100 procent emotioneel en niemand is 100 procent rationeel. Waar we in onze content dus naar moeten zoeken is de overlap. Hiervoor schuiven we de twee piramiden over elkaar. We krijgen een soort zandloper.

Van emotioneel naar rationeel

 

 

 

 

 

 

Het wordt echter pas interessant als we de vlakken invullen.

Zandloper van emotioneel naar rationeel

 

 

 

 

 

 

Zo zien we dat emotionele argumenten altijd een kern van ratio moeten hebben. En dat rationele argumenten altijd een emotionele kern moeten hebben. Ga jezelf maar na. Als de content alleen inspeelt op je emotie krijg je op een bepaald moment toch wel behoefte aan wat onderbouwing. Met andere woorden – de ratio is nodig om de emotie geloofwaardig te houden.

Aan de andere kant van het spectrum hebben we de puur rationele argumenten. Deze hebben een kern van emotie nodig om niet al te saai te worden. Puur op ratio overtuigen werkt alleen bij de echte techneuten, maar slaat op een bepaald moment net zo dood als puur op emotie spelen.

Hoe dieper de klant in het proces komt hoe meer deze behoefte krijgt aan ratio en hoe meer de emotionele argumenten aan waarde inboeten. Ergens in het midden zit het grijze gebied waarin we van emotie naar ratio kantelen.

Kantelpunt van emotie naar ratio

 

 

 

 

 

 

Al onze content zal dus afhankelijk van de plek van de klant in het aankoopproces moet voegen naar de gewenste hoeveelheid emotionele of rationele argumenten. Daarbij zit dus een kantelpunt van emotie naar ratio. Al je materiaal moet inspelen op al deze momenten. In de uitersten is dit het meest helder.

Emotionele en rationele uitersten

 

 

 

 

 

 

Tot zover de argumenten, maar op deze manier kijken naar je content heeft ook gevolgen voor de inhoud. Hoe dieper we in het aankoopproces zitten, hoe meer we van algemeen naar specifiek gaan. De behoefte aan algemene informatie zal afnemen en de behoefte aan specifieke informatie zal toenemen. Uiteindelijk doorlopen we zo soortgelijke stappen.

 

[bctt tweet=” Hoe dieper we in het aankoopproces zitten, hoe meer we van algemeen naar specifiek gaan. “]

 

Van algemeen naar specifiek

 

 

 

 

 

 

Toenemende behoefte aan informatie

 

 

 

 

 

 

De klant duikt de informatie in en heeft hierbij een steeds specifiekere behoefte aan informatie. Algemene termen voldoen niet meer, we moeten weten hoe het exact zit. Tussen emotie en ratio en de behoefte aan algemene informatie en specifieke informatie zit een overlap.

Zandloper van algemeen naar specifiek

 

 

 

 

 

 

We zien hetzelfde mechanisme als bij de argumenten. Algemene informatie heeft een kern van specifieke informatie nodig om voldoende gewicht te hebben. Specifieke informatie heeft een kern van algemene informatie nodig om nog interessant te blijven. Aan beide kanten is de basis solide, maar maakt de kern het verschil om alle klanten aan te spreken.

Uitersten algemeen specifiek

 

 

 

 

 

 

We hebben dus zowel algemene, meer emotionele content als specifieke, meer rationele content. Als makers van content zullen we in het aanbieden van informatie dus rekening moeten houden met deze wensen. Laten we daarom dit model eens naast je website leggen. Aan beide kanten van de piramides heb ik termen geplaatst die neerkomen op algemeen, meer emotioneel en specifiek, meer rationeel. Daarmee kom ik tot het volgende beeld.

Vertaling naar communicatie

 

 

 

 

 

 

Vertalen we dit naar communicatie dan kun je in algemene zin zeggen dat communicatie over je identiteit gebaat is bij een emotionele basis met een rationele kern. Daarnaast is het gebaat bij algemene informatie met een specifieke kern.

Identiteit

 

 

 

 

 

 

Kijken we naar de andere kant van het spectrum dan weet je dus dat als je ingaat op producten je hier in je communicatie moet zorgen voor een stevige rationele basis met een emotionele kern. En een stevige basis van specifieke informatie met een algemene kern. Dit helpt om alle invalshoeken en argumenten af te dekken.

Product

 

 

 

 

 

 

En dat is nodig. Kijk maar eens naar je interne organisatie. Als je informatie vraagt aan je productspecialisten dan krijg je een grote lading rationele en zeer specifieke informatie. Deze mist dus een emotionele en meer algemene kern om goed te overtuigen. Vraag je vervolgens aan een marketeer dezelfde informatie dan krijg je algemene en emotionele content die echter de specifieke en rationele kern mist om overtuigend te zijn.

Het antwoord zit – zoals wel vaker in de mix. Een solide basis met een gezonde kern van de beide uitersten zal in het aankoopproces zorgen dat zowel algemene/emotionele mensen als specifieke/rationele klanten iets vinden van hun gading bij het besluitproces.

Dat vraagt echter om een holistische aanpak. Je moet namelijk alle lagen aanbieden om zeker te zijn dat je iedereen bereikt. Dus algemene emotionele informatie voor de emotionele kopers, maar ook de verdiepingsslag met meer rationele en specifieke informatie. Door alles aan te bieden, kun je iedereen pakken. Leg het dus eens naast je content en kijk waar jouw content op triggert. Waar teveel algemene emotie heerst, kun je dus specifieke ratio toevoegen en vice versa.

Holistische aanpak

 

 

 

 

 

[callaction button_text=”Vraag een gesprek aan” button_url=”http://www.dimitrilambermont.com/contact/” background_color=”#ffffff” text_color=”#000000″ button_background_color=”#df4d55″ button_text_color=”#ffffff” rounded=”true”]Naar aanleiding van deze blogpost eens verder praten?
[/callaction]

Hoe klinkt jouw onderneming?

Hoe klinkt jouw onderneming?

Hoe klinkt jouw onderneming als ik er mee in gesprek raak? Stel je voor dat je onderneming een mens is waarmee je kunt praten. Iemand die je tegenkomt bij een netwerkbijeenkomst en met wie je een praatje aanknoopt. Hoe zou die persoon dan klinken? We doen het allemaal; we stoppen onze websites vol met interessante informatie die de hele wereld moet lezen. Maar voor je nog een letter op papier zet, kun je beter eens nadenken over hoe jouw onderneming eigenlijk klinkt.

Iedereen met wie je in gesprek raakt heeft zo zijn eigen manier van praten. Het geeft veel weg van de persoon. Praat je gesprekspartner rustig en doordacht? Of juist snel en gehaast? Hoe klinkt zijn of haar stem? Welke toon heeft zijn of haar stem? Laag of hoog? Gebruikt hij veel jargon en managementtaal? Is het saai om naar te luisteren? Of krijg je er energie van? Is het iemand die de voorkeur geeft aan ‘je’ of ‘u’?

Toon en stem
Met de wildgroei aan media die we vandaag tot onze beschikking hebben, is het noodzakelijk eens goed na te denken over de toon en stem van je onderneming. Deze moet namelijk kloppen. Bij je klant. Bij je onderneming. En het kanaal waar je op dat moment bent. Een vriendelijke toon op Twitter valt in het water als je website vol saaie content staat. Een heldere website valt in het niet als je handleiding onleesbaar is. Een goede brief slaat de plank mis als een medewerker onbeschoft is aan de telefoon. Alles grijpt in elkaar, zeker bij de juiste toon.

Maar hoe zet je nou een goede toon in? Laten we beginnen.

Stap 1: de klant
Ten eerste: hoe klinkt jouw klant? Weet jij wie je klant is? Echt? Zeker weten? Heb je een helder beeld van je klant? Tot aan de haarkleur en kledingstijl? Of is het een grote onzichtbare massa of een onduidelijke doelgroep? Een segment van een diffuse markt?

Kraakhelder beeld
Weten wie er aan de andere kant van het scherm zit, helpt je om je content te schrijven alsof het een gesprek is. Zodra we denken meer dan één persoon aan te spreken, gaan we rare dingen doen. Vreemde, formele taal bezigen. We spreken de massa toe. We verkondigen ons woord aan het wereld wijde web. Fout! Zorg dus dat je een kraakhelder beeld van je ene ideale klant hebt.

[bctt tweet=”Weten wie er aan de andere kant van het scherm zit, helpt je content te schrijven als een gesprek”]

Vragen, vragen, vragen
Een helder beeld van de ideale klant vormen, is vooral een kwestie van veel vragen. Aan je salesafdeling. Aan je serviceafdeling of de mensen die dagelijks telefoneren met je klanten. Organiseer eens een brainstormsessie met verschillende afdelingen en kijk of je een helder beeld kunt schetsen van je ideale klant. En let daarbij vooral op: hoe kun je met deze klant in gesprek komen? Of nog beter: vraag het gewoon eens aan je klant zelf. Test content op een groep. Zie wat de reacties zijn en pas het aan.

Stap 2: in gesprek raken
Daarna komen we bij de vraag: hoe wil jouw klant aangesproken worden? We schrijven dan misschien wel content voor onze onderneming, maar uiteindelijk moet al die content maar één ding doen. De klant aanspreken en de verbinding leggen. Hem of haar het gevoel geven dat jouw onderneming te vertrouwen is. We moeten een toon vinden in de content die klopt bij onze klant, dat spreekt voor zich, maar daarmee zijn we er nog niet.

Stap 3: de toon van je product
Het derde punt is namelijk: hoe klinkt jouw product of dienst? Elke niche komt met zijn eigen taal en toon. Om een voorbeeld te geven – bij een zomervakantie verwacht je een andere tekst dan bij een stofzuigerzak. Dat lijkt een grapje, maar het geeft wel een helder beeld. Een zomervakantie is een weloverwogen keuze waar veel geld bij komt kijken, dus moet de content het vertrouwen geven dat je straks op plek aankomt waar je kunt genieten.

Op vakantie
Daarnaast moet de tekst al het vakantiegevoel in zich hebben. We schetsen beelden van zon, zomer, ontspanning en ontzorging. Dat vraagt om een opgewekte toon, niet om formeel taalgebruik en moeilijk jargon. Dat vraagt om eenvoud – hoe zit het, wat krijg ik en word ik daar blij van?

Stap 4: de interne toon
Als vierde en laatste punt moet je toon kloppen bij je cultuur. Een formele toon in je communicatie klopt niet als je organisatie in de basis heel informeel in elkaar zit. Net zoals het altijd een beetje beschamend is als een formele, hiërarchische organisatie opeens iets te populair gaat communiceren. Zorg dus dat je toon ook klopt bij je onderneming en klopt bij de mensen in je organisatie. Is dat niet zo, dan loopt de communicatie scheef en raakt je klant in de war. En verwarring is slecht voor het vertrouwen.

 

[bctt tweet=” Zorg dus dat je toon klopt bij je onderneming en klopt bij de mensen in je organisatie. “]

 

De verbinding leggen
Klinkt als veel werk voor een heldere toon, maar wat kun je daar nou mee? Door over de toon van je onderneming na te denken en deze helder vast te leggen, garandeer je dat je ongeacht het medium als onderneming overal hetzelfde klinkt. Uiteindelijk draait het namelijk niet om de toon, maar om de vraag hoe leg je de verbinding? Hoe leg je de verbinding met jouw klant? En hoe zorgt die verbinding voor genoeg vertrouwen om eens wat bij je te kopen?

Door je toon vast te leggen, heb je een referentiepunt om op terug te vallen. Handig voor nieuwe medewerkers, maar ook is het voor iedereen een goede oefening: hoe denken we bij onze onderneming niet direct aan onszelf, maar aan de behoeften van onze klanten?

Samenvattend:
Uiteindelijk is de keuze voor de juiste toon eenvoudig:
•    De juiste toon is de toon die klopt bij je klant.
•    De juiste toon weet jouw klant op een manier aan te spreken die voor verbinding zorgt.
•    De juiste toon is de toon die klopt bij je product of dienst.
•    De juiste toon klopt bij jouw organisatie.
Ga dus vooral aan de slag met je toon en vraag eens rond – hoe klinken wij eigenlijk?

Deze blogpost is eerder gepubliceerd op https://www.nom.nl/plus/strategisch-copywriter-dimitri-lambermont-hoe-klinkt-jouw-onderneming/

 

[callaction button_text=”Dat wil ik wel!” button_url=”http://www.dimitrilambermont.com/contact/” background_color=”#ffffff” text_color=”#000000″ button_background_color=”#df4d55″ button_text_color=”#ffffff” rounded=”true”]Eens verder praten over de toon van jouw onderneming?
[/callaction]

 

Bewaak je online identiteit met een redactionele stijlgids

We hebben als organisaties steeds meer middelen, kanalen en platforms tot onze beschikking om online het gesprek aan te gaan met onze klanten. Van webcare op social media tot aan de good old corporate website, van e-mail tot chat en livestreams. Een wildgroei aan mogelijkheden om online te praten komt op ons af. Hoe bewaken we online onze toon in deze jungle? Hoe communiceren we online consequent en consistent? Met een redactionele stijlgids. 

In mijn eerdere artikel over de vier fases van een menselijke toon heb ik het zijdelings over een stijlgids gehad. In een stijlgids leg je de identiteit van je merk vast. Vaak gaat dit om een visuele stijlgids en ligt de nadruk op het nauwkeurig  bewaken van de online huisstijl. De stijlgids gaat in op vragen over het gebruik van typografie, logo’s, plaatsing van logo’s en de juiste huisstijlkleuren. Toch is de manier van praten hier een essentieel – en vaak ondergewaardeerd – onderdeel van.

Hoe wij online praten is minstens zo belangrijk voor onze identiteit als het beeld.

Wat is een stijlgids?

Om discussies over definities te voorkomen – wat versta ik onder een stijlgids? Een stijlgids of stijlboek is volgens Wikipedia namelijk een publicatie met een serie regels voor het schrijven. In het algemeen is het doel van een stijlgids om vaste regels voor het schrijven en de spelling te geven. Leuk, in de basis correct, maar wel een tikkeltje droog.

Een redactionele stijlgids

In mijn ogen moet een redactionele stijlgids namelijk verder gaan. Het is niet alleen een technisch document met de correcte spelling binnen onze niche of de voorkeurspelling van afkortingen. Het moet de richtlijnen leveren voor de manier waarop wij als organisatie online communiceren en onze medewerkers motiveren deze manier van praten te volgen.

Een goede redactionele stijlgids zorgt dat iedereen binnen de organisatie snapt dat de gekozen toon op onze website, binnen onze middelen, kanalen en online campagnes een essentieel onderdeel is van onze identiteit. Dat daar over is nagedacht en dat we deze toon dus consequent moeten toepassen.

Waarom een redactionele stijlgids: 2 redenen

Waarom zou je de manier waarop je online praat formeel vastleggen? In de basis zou ik zeggen: om uniformiteit te garanderen in stijl – ongeacht waar we praten – en daarmee te zorgen dat we geen afbreuk doen aan ons merk. Daarnaast zie ik twee duidelijke ontwikkelingen die zorgen dat dit nu – anno 2015 – belangrijker is dan ooit.

 

1. Toenemend belang van de juiste toon

Hoe we online praten is een steeds belangrijker onderdeel van onze identiteit. Dankzij Social Media komen klanten direct in contact met organisaties. Dat vraagt een aanpassing in de toon van het gesprek van formeel naar informeel. Van massa naar persoonlijk. Van afstandelijk naar dichtbij. Nu organisaties leren dat ze online terug kunnen praten met de mensen die ze klanten noemen, wordt het dus belangrijk die toon eens goed vast te leggen.

2. Consistentie in de communicatie

Hoe meer de nadruk op toon komt te liggen, hoe belangrijker het is dat we online consistent communiceren. Het belangrijkste doel van een redactionele stijlgids is dan ook consistentie. Het garandeert dat we over alle online kanalen, middelen en campagnes een zelfde toon aan blijven slaan. Het zorgt voor eenduidigheid en daarmee voor helderheid en betrouwbaarheid. ‘Heb ik nog steeds met dezelfde organisatie te maken? Ja, want ze klinken nog steeds hetzelfde.’

Inspiratie: stijlgidsen van Adobe & Mozilla

Door twee voorbeelden naast elkaar te leggen, ontdekken we de subtiele – en niet zo subtiele – verschillen in het beschrijven van de toon van die organisatie. Door deze richtlijnen te lezen krijg je een beeld van hoe een organisatie in zijn on- en offline middelen wenst te praten, maar ook hoe de organisatie in de wereld staat. Ze geven indirect een kijkje in de mentaliteit achter de identiteit.

Adobe

The editorial voice is honest, visionary, smart, and caring — editorial analogues to our brand
personality attributes: genuine, innovative, exceptional, and involved. The editorial voice seeks to foster an emotional connection between customers and the Adobe brand. Therefore, it must contain life and compel a reaction.

We expect a certain level of intelligence from our audience, avoiding lowest-common-denominator communication. Visuals and type should not compete, but support each other. We are direct and confident, bold yet not boastful. In display type, the voice should speak peer to peer and focus on real-world value rather than technical features.

We speak conversationally. We express a passion for technology but an understanding that
innovation is nothing without customer benefit. We have a strong voice that understands customer needs, leads changes, and commands trust. We revolutionize the way people communicate with ideas and information. We are revolutionaries.

Mozilla

Mozillians live all over the world. We have different roles. We do different jobs (often several at once). But one thing we have in common is that we’re a group of human beings building products and technologies for other human beings.

Whenever a user — or anyone else, for that matter — reads a piece of Mozilla communication, they should feel like there’s a person on the other end who recognizes that they are the same. They should feel like we care about them and how they spend their time online. That’s not a gimmick or a piece of marketing, either. It’s one of the principles Mozilla was founded on.

So what does that mean, practically speaking? It means that, yes, sometimes we’ll use colloquial or conversational language. We’ll use contractions and speak to people in a familiar way (sorry, couldn’t think of another word that started with a C). We’ll use humor to make people feel good. Or be serious when the situation warrants.

The point is, we never want our users to forget that there are real live people behind our products and our words. And when writing, we can’t forget that, either. As our Firefox Brand Platform states, we should be unconventional, engaging, honest, smart and confident. If you remember that, you should be in good shape.

Zelf aan de slag met een redactionele stijlgids

Zelf een redactionele stijlgids maken is een kwestie van met je organisatie bepalen hoe je in het online gesprek wilt klinken. En je hier vervolgens aan houden. Dat klinkt eenvoudig, maar je loopt in de realiteit natuurlijk tegen allerlei interne belanghebbenden aan. Je moet de interne organisatie meenemen en zorgen dat de online toon ook echt klopt bij hoe je organisatie is.

Tip 1: Practice what you preach

Doe zelf wat je zegt. Beide voorbeelden hierboven ‘praten’ volgens de toon die ze nastreven. Daardoor is direct te begrijpen hoe zo’n toon klinkt. Streef er dus naar om je online toon op te schrijven in de toon die je wilt bereiken. Beschrijf je online toon niet alleen, dat is veel te omslachtig en slaat vaak de plank mis. Zorg dat je online toon zo duidelijk is, dat deze direct motiveert om er zelf mee aan de slag te gaan.

Tip 2: Ga met je stijlgids langs de deuren

Een redactionele stijlgids schrijven is één ding. Een hele organisatie online anders laten praten is een ander punt. Voorkom het ‘intranet des doods’ en ga bij de mensen langs. Geef een workshop. Geef een presentatie. Geef een training. Gebruik je interne en sociale kanalen. En doe dat een paar keer. Maar vooral: wees zelf ook consequent. Signaleer goede online voorbeelden en bespreek slechte voorbeelden.

Tip 3: Laat tekst en beeld elkaar versterken

Zoals gezegd gaat het grootste gedeelte van een visuele stijlgids logischerwijs uit van beeld. Als een nagerecht komt dan vaak nog even de toon van onze online communicatie om de hoek kijken. Probeer hier een integraal geheel van te maken. Alleen door beeld en tekst met elkaar te laten versmelten krijg je de meerwaarde die nodig is om jouw merk en online toon onvergetelijk te maken.

Nadenken over hoe je online praat is altijd nuttig

Of je nu bij een multinational werkt of op je zolderkamer voor jezelf, nadenken over hoe je online praat is altijd een nuttige oefening. Het levert in ieder geval consistente communicatie op die daardoor betrouwbaarder overkomt. Zorg voor een online toon die bij je klopt, leg deze vast en houd hem vast.

Deze post is eerder verschenen op Frankwatching: http://www.frankwatching.com/archive/2015/04/07/bewaak-je-online-identiteit-met-een-redactionele-stijlgids/

Pas op! Trap niet in de valkuil der valkuilen!

Elke copywriter heeft één belangrijke valkuil. Eén blinde
vlek. Eén groot gemis waarvoor je bang zou moeten zijn. Een groot,
gruwelijk gevaar dat zorgt voor falende teksten, mislukte campagnes en
beledigende communicatie. Het gevaar beperkt zich namelijk niet tot het
ambacht van de mooischrijverij. Nee, nee. Eigenlijk ligt het voor
iedereen die bezig is met communicatie constant op de loer…


Wachtend om toe te slaan. En te zorgen dat je de plank toch wel zo afschuwelijk mis slaat.

Het grootste gevaar is:

Uitgaan van je eigen referentiekader.

  • Iedereen is toch online?
  • Iedereen heeft toch een mobiel?
  • Iedereen zit toch op Social Media? 
  • Iedereen is toch lid van Facebook?
  • Iedereen wil toch die funky app?
  • Iedereen wil deze coole content toch delen?

Natuurlijk is dat zo in je Marcom Hipster Always Online Ultraverse.

Maar dat is jouw referentiekader. Het geheel van gewoonten, regels en normen waarnaar jij je richt.

Jouw werkelijkheid.

Komt dit vaak voor? Trappen we vaak in de valkuil van het eigen referentiekader?

Eindeloos vaak.

  • Dat begrijpt iedereen toch?
  • Dat lezen ze toch van begin tot einde?
  • Dat vinden ze toch allemaal bere-interessant?

Bij elke discussie die ik heb over inhoud en vorm van communicatie
merk ik dat ik moet uitwijken om niet in deze valkuil te stappen. Het
voelt namelijk wel zo veilig. Je weet waar je aan toe bent. In jouw
werkelijkheid.

  • Maar dat maakt geen goede copywriter.
  • En dat maakt geen goede communicatie.
  • En dat maakt geen geslaagde campagne.

Wat communicatie wel laat slagen, is je eigen referentiekader los te
laten. En te denken vanuit je doelgroep. Klinkt simpel. Maar het vergt
waakzaamheid.

Telkens als je te makkelijk de aanname doet: Iedereen… Check dan even je referentiekader. Want negen van de tien keer is Iedereen niet groter dan jij en je vrienden.

10 signalen dat je nu in copywriting moet investeren

Elk stuk content is op een bepaald moment over zijn houdbaarheidsdatum heen. Wat ooit is gelanceerd als nieuwe informatie, voelt opeens ouderwets aan. Het klopt niet meer met waar je als organisatie staat. Of de content blijkt toch niet aan de resultaten bij te dragen zoals gewenst. Maar hoe weet je nu of je content een beetje begint te schimmelen? Hieronder 10 signalen dat het echt tijd wordt om in copywriting te investeren.

1. Content roept meer vragen op dan antwoorden

De telefoon staat roodgloeiend. Het callcenter wordt overspoeld. De vragen stromen binnen via e-mail. Het webcareteam heeft de handen vol aan alle Tweets.
Heel veel ondernemingen vergeten even de link te leggen tussen de vragen die bij de onderneming binnenkomen en de kwaliteit van hun content. Waar informatie online wordt gezet met de aanname ‘dat zullen ze wel begrijpen’, loop je de kans dat je klanten het helemaal niet begrijpen. En als we het als lezers niet snappen, zijn we vandaag de dag mondig genoeg om eens fijn een potje te klagen. Zorg dus dat klantenservice en het contentteam op een regelmatige basis met elkaar praat.
·         Zie je een stijging in een bepaald soort vragen?
·         Komt men steeds met dezelfde soort vraag?
·         Zijn er klachten over onduidelijke informatie?
Kijk eens naar wat je op contentvlak kunt verbeteren. Misschien is die informatie niet zo helder als gedacht.

2. Content richt zich niet op een duidelijke taak

Eenvoudig gezegd, gaan we online voor drie dingen: een aankoop, informatie inwinnen of entertainment. Elke zoekopdracht zal dus draaien om één van deze taken. Daar hoort dus een verwachtingspatroon bij.
·         Als ik zoek naar een aankoop, dan verwacht ik content die me gaat helpen bij die aankoop.
·         Ben ik nog niet zo ver, dan wil ik eerst informatie inwinnen of gewoon meer over een onderwerp weten.
·         Wil ik niets weten, maar alleen amusement, dan verwacht ik dus… amusement.
Toch gooien we die drie vormen vaak door elkaar. We leveren rare mengvormen aan content die zowel draaien om een aankoop, als om informatie, als om entertainment. Daar de balans in vinden, is moeilijk. Maar wel inzichtelijk te krijgen.
Heb je last van veel afhakers, dan gaat er dus ergens iets mis in je content tijdens de aankoop. Is men lang op de pagina en leest men veel, maar gebeurt er daarna niets… dan moet je eens kijken naar je microcopy en call to action. Ben je te serieus aan het verhandelen, als men gewoon entertainment verwacht? Een pagina moet altijd direct helder maken: jouw taak? Dat kun je hier doen. En verder niets.

3. Content wisselt sterk in toon

Op een grote corporate website en binnen grote organisaties ontstaan op termijn altijd wel eilandjes. Eigen werelden met een eigen taal en eigen gedrag. Ondanks deze eilanden – en het feit dat ze vaak geen contact met elkaar hebben – moet wel centraal op de toon van de gehele website worden gelet. Als je iedereen toegang geeft tot de website, dan krijg je evenveel verschillende tonen als je afdelingen binnen je organisatie hebt.
Inhoudelijke experts praten heel anders dan marketeers; techneuten anders dan managers. Laat je ze los binnen je website, dan is de toon dus niet consistent. Het zorgt niet voor een eenduidig beeld van een betrouwbare organisatie. Een sterke wisseling in toon over de gehele website wijst erop dat deze weer even gelijkgetrokken moet worden. Stel richtlijnen vast of stof ze nog eens af als je ze al hebt.

4. Content is niet consistent (kernboodschappen en beloften)

Elke organisatie draait om een belofte. Een organisatie is in het leven geroepen om aan behoefte X, Y of Z te voldoen. In de essentie van de organisatie zit de meest basale vorm van die belofte. En dus moet deze in elk woord terugkomen. In elke zin. En in elke alinea. Willen we onze klanten overtuigen van de kracht van die belofte, dan moeten we er wel voor waken dat deze overal consequent terugkomt.
Is bijvoorbeeld een essentieel onderdeel van onze organisatie dat we niet moeilijk doen over servicevragen, dan moet je niet ergens anders een lijvig document van legal hebben staan waarin we alles dichttimmeren. Een eenvoudig voorbeeld, maar over alle schijven en eilanden verliezen we het consistent doorvoeren van onze belofte. We verliezen het zicht op onze kernboodschap. Het wordt dus tijd om deze weer eens op te frissen.

5. Content klopt niet bij het bedrijf

Een afgeleide van punt 4 is het feit dat we soms content maken die helemaal niet klopt bij ons bedrijf. Die niet klopt bij onze cultuur. Die ons wellicht is aangepraat door goeroes. We raken een deel van onze essentie kwijt als we content spuien die in de basis niet klopt bij wie we zijn en waarom wij het doen zoals wij het doen.
·         Omdat we denken dat we MOETEN bloggen.
·         Omdat we denken dat we iets met whitepapers MOETEN.
·         Omdat we iets MOETEN met contentmarketing.
Onder de moeilijke term congruentie zit een duidelijke belofte verborgen. Zorg dat je content klopt bij je cultuur. En dat je content altijd je cultuur weergeeft. Anders detoneert het, simpel zat.

6. Content klopt niet bij de klant (niet relevant)

Elke organisatie stapt in de valkuil genaamd ‘de ideale klant’. Vele pagina’s content worden gemaakt vanuit de aannames van een klein aantal mensen in de organisatie. Dit is hoe onze klant eruit ziet. Dit is wat onze klant van onze content verwacht.
Maar heb je dat ook gecontroleerd? Veel organisaties slaan die stap maar even over. Geen tijd voor. Geen mensen voor. Ze pakken wat data en vormen een beeld van hun ideale klant. Het probleem van het niet even vragen aan de klant is dat je website dus vol content kan staan die niet relevant voor die klant is. Of die in ieder geval niet goed voelt voor de klant.
Veel mensen kijken naar zichzelf – ik zou dat zo handig vinden – of naar hun vrienden en familie als referentie. Maar de ideale klant is een onrealistisch droombeeld. Aan de andere kant van het scherm zit een zeer specifiek en eigenzinnig persoon. Help iedereen door je op niemand specifiek te richten. Houd op met aannames.

7. Content is te oppervlakkig of gaat juist te diep

Zo’n website vullen kan heel wat werk zijn. Laat sommige mensen aan het woord en je krijgt zeer kleine stukjes teksten die een beetje over de inhoud heen scheren. Laat inhoudelijke experts aan het woord en je krijgt complete naslagwerken en wetenschappelijk onderzoek op je website.
Dat kan leuk zijn, maar is niet altijd de bedoeling. Bovendien is het maar de vraag of iemand al die diepgravende informatie leest. Aan de andere kant is het jammer als een klant niet vindt wat hij of zij zoekt, omdat de geboden content te summier is. Het gevolg blijft hetzelfde, de lezer gaat wel ergens anders zoeken en de website draagt niet bij aan het resultaat.

8. Content is vaag (niet accuraat en niet helder)

Of het nu jargon is. Of een te grote focus op technische details. Of gewoon vaag taalgebruik… het resultaat blijft een klant die verward de website verlaat. Niemand is gebaat bij vage content. Het roept niet alleen vragen op (zie punt 1), maar zorgt ook voor wantrouwen.
·         Waarom zijn ze eigenlijk niet gewoon helder?
·         Waarom draaien ze om de waarheid heen?
·         Moet ik deze organisatie wel vertrouwen met mijn zuurverdiende geld?
Hoe angstaanjagend het ook kan zijn voor een organisatie, je bent alleen gebaat bij totale helderheid en bij een accurate weergave van de werkelijkheid. Alleen dan kan een klant met een gerust hart zeggen: ik snap wat er staat, ik snap wat het aanbod is – ik doe het!

9. Content is angstaanjagend (een groot blok)

Tussenkopjes. Gebruik ze.
Opsommingen. Gebruik ze.
Knip die lap tekst op. Hapbare blokjes. Geen content wall of death.

10. Content is slordig

Ja een typo mag. Kan iedereen gebeuren. Maar probeer het een beetje in te dammen. Daar hebben ze eindredacteuren voor uitgevonden. Maak er gebruik van. Laat iemand even door je tekst lopen. Haal slordigheden eruit. Ergerlijke taalfoutjes waar taalpuristen op kunnen aanslaan. Je weet niet waarop klanten afhaken? Misschien is het wel je slordige taalgebruik. Een heldere tekst is een tekst die ademt dat er met aandacht aan gewerkt is. Dat straalt af op je onderneming. Aandacht voor de tekst, is aandacht voor mij als klant. Een eenvoudige kans om goede sier te maken… of om af te gaan. 

Geef je organisatie een menselijke en informele toon in 4 fases

Door de opkomst van social media zie ik een belangrijke verschuiving. Een waarbij informele communicatie de nieuwe norm wordt. Mensen geven er steeds meer de voorkeur aan door organisaties te worden aangesproken als mensen, niet als een massa, doelgroep of persona. Maar hoe kom je bij een informele toon als je organisatie gewend is formeel te communiceren? Ik deel een strategie met je voor het doorvoeren van een menselijke toon in jouw organisatie.

Begin vandaag nog, want je doelgroep wil straks niet anders meer. En je kunt je nu nog positief onderscheiden op helderheid in een wereld die van formele communicatie en jargon aan elkaar hangt.

Menselijke toon

Kiezen voor een menselijke toon in je communicatie gaat iets verder dan de keuze voor ‘U’ of ‘Je’. Het gaat over de manier ‘waarop wij praten’. En daar moet je zorgvuldig mee omgaan. Kiezen voor een menselijke toon in je communicatie komt aan het hart van je organisatie. Het zorgt voor lastige vragen:

  •     Hoe staan we als organisatie in de wereld?
  •     Hoe willen we eigenlijk praten met onze klanten?
  •     Zijn we wel zo menselijk?
  •     Durven we dat aan?

De gehele organisatie

De toon van je communicatie gaat ook de hele organisatie door. Om het helder te maken, enkele voorbeelden:

  • Van je toffe, jonge webcare-team op Twitter blijft weinig over als je klant vervolgens een formele en afstandelijke e-mail van je serviceafdeling krijgt.
  • Als je website uitblinkt in helderheid, dan moet je geen brochure hebben die onduidelijk is en vol jargon staat.
  • Als je online communicatie persoonlijk is, moet ik niet worden doorverbonden met een callcenter in India als ik je een keer opbel.

Begint het belang van toon te dagen? Alles hangt met elkaar samen. Een goede toon op één plek, betekent een goede toon op alle plekken.

Vier fasen

Ik onderscheid 4 fasen in de ontwikkeling van een menselijke toon. Ik ga per onderdeel nog dieper in op de betekenis.

  1. Om te weten waar we naartoe willen, moeten we eerst een spreekwoordelijke ‘stip op de horizon’ zetten. Fase 1 is dus bepalen wat het einddoel is. Zoals gezegd, toon komt aan de hele organisatie, dus als we iedereen mee willen krijgen, moeten we in ieder geval helder hebben waar we nu eigenlijk aan werken.
  2. Fase 2 draait om inventariseren: we willen inzicht krijgen in de verschillende onderdelen binnen de organisatie, middelen en kanalen die te maken krijgen met onze nieuwe toon. En we kijken vooral ook naar de markt. Kunnen we onderscheidend zijn door deze weg te kiezen?
  3. In Fase 3 gaan we de toon vastleggen. Niet alleen moeten we de toon bepalen, we moeten ook zorgen dat iedereen deze consequent gebruikt. En dat iedereen mee wil in deze verandering. Dat gaat verder dan een stijlgids, maar vraagt om training en overtuiging.
  4. De laatste fase is het daadwerkelijke doorvoeren van de toon. Onderschat dit niet. Denk aan een grote corporate website en je kijkt al snel tegen honderden pagina’s aan die herschreven moeten worden. Willen we consequent zijn, dan moeten we bovendien ook alle offline middelen afstemmen op de nieuwe toon.

Fase 1 – Bepalen van einddoel

Elke strategie begint met het einddoel. We beginnen onze reis naar een nieuwe toon, dus met het bepalen van dat einddoel. We schetsen in deze fase vooral een ideaalbeeld. Je moet veel knopen doorhakken en veel mensen intern overtuigen. Je moet zogezegd eerst de droom verkopen, voordat je deze realiteit kunt maken. Zorg dus dat je zelf een kristalhelder beeld hebt van waar je naartoe wilt.

Bijvoorbeeld:

  •     We onderscheiden ons door helder, open en vriendelijk te communiceren.
  •     We spreken onze lezer aan met ‘je’.
  •     We schrijven korte, heldere zinnen.
  •     We gebruiken geen moeilijke woorden als een eenvoudig woord ook kan.
  •     We vermijden onnodig Engels.
  •     We houden intern taalgebruik intern.

Afronden fase 1

Je hebt helder waar je naartoe wilt. Je kunt onderbouwen waarom dit de juiste weg is. Je hebt de juiste argumenten om voor deze toon te kiezen. Je haalt veel overhoop, dus zorg dat je zelf met volle overtuiging voor deze toon hebt gekozen.

Fase 2 – Inventariseren

Willen we consequent naar buiten treden met een menselijke toon, dan moeten we eerst een inventarisatie maken. Waar komt die toon straks eigenlijk allemaal voor? Waar maken onze klanten contact met onze organisatie? Waar gaan we in gesprek?

Je kunt hier beginnen met de normale communicatiemiddelen en kanalen, maar kijk ook eens naar de offline plekken. Een nieuwe toon in communicatie raakt alle lagen van de organisatie. Denk dus ook aan de telefoon, je helpdesk, het callcenter, verpakkingen en bonnen of de mensen in de winkel. Consequent naar buiten treden met menselijkheid is een totaalaanpak en niets minder.

 

Fase 2a – Inventarisatie: organisatie, kanalen en middelen

Het eerste deel van de inventarisatie speelt zich intern af. Waar gaat de nieuwe toon een gevolg hebben? Wie gaat ermee aan de slag? Wie heeft contact met de klant? Daarna kijken we naar de afzonderlijke kanalen en uiteindelijk de middelen – online en offline. Welke middelen hebben we eigenlijk allemaal? Van de socialmediakanalen tot de verschillende telefoonnummers en e-mailaccounts. Van de website tot het persbericht en de nieuwsbrief. Bekijk ze rustig en leg ze vast. We verzamelen alleen, oordelen komt later.

Fase 2b – Inventarisatie van belanghebbenden: krijgen we de organisatie mee?

Inherent aan de inventarisatie van je organisatie is het inventariseren van je interne belanghebbenden. Wie heeft er allemaal wat te zeggen over content en waarom is dat eigenlijk zo? Hoe kijken zij aan tegen deze toon? Wie zorgt voor input? Wie mag aan de kanalen en middelen komen?

Fase 2c – Inventarisatie van de markt: kunnen we onderscheidend zijn met onze toon?

Na intern te hebben gekeken, moeten we ook naar buiten kijken. Het derde niveau van onze inventarisatie is dan ook de markt. Kunnen we onderscheidend zijn met onze toon? Kunnen we opvallen door helder en vriendelijk te communiceren? Hoe praat de concurrentie eigenlijk?

Afronden fase 2

Aan het einde van deze fase moet je een helder overzicht hebben van alle contactpunten van je organisatie. Je hebt intern vastliggen wie je moet benaderen. Je hebt extern vastliggen waar je met de wereld in gesprek gaat. Deze personen moeten mee in jouw nieuwe menselijke toon. Het lobbyen kan beginnen.

Fase 3 – Vastleggen

We hebben tot nu toe een beeld geschetst van onze nieuwe toon en bekeken op welke plekken en met wie we deze gaan toepassen. Nu wordt het tijd om de nieuwe toon ook echt vast te leggen. Om te voorkomen dat deze nieuwe toon in een archief verdwijnt, moeten we hier meer acties ondernemen dan slechts in een stijlgids enkele regels vastleggen. Dit wordt de nieuwe manier waarop wij als organisatie praten, dus neem mensen ook mee.

Fase 3a – Bepalen van de nieuwe toon

Eerst moeten we voor onszelf de nieuwe toon verder uitwerken. Wat betekent het nu eigenlijk voor onze organisatie als we menselijk gaan praten met de buitenwereld? In de eerste fase is onze menselijke toon nog een droom, een ideaalbeeld. In deze fase leggen we hem gedeeltelijk vast. We werken de toon verder uit, maar houden deze nog steeds globaal. Pas als we na overleg de toon concreet vastleggen, gaan we in op de details.

Fase 3b – Overleggen van de nieuwe toon

We stemmen de toon nu af met de interne belanghebbenden. De toon raakt iedereen. En iedereen moet ermee aan de slag. Daarom is het essentieel dat je iedereen meeneemt. Een nieuwe manier van praten kun je niet zomaar even van bovenaf opleggen en verwachten dat het goed gaat. Een nieuwe manier van praten, maak je samen. Neem dus de tijd om met je interne belanghebbenden om tafel te gaan. Eerder heb je een inventarisatie gemaakt, nu wordt het tijd om langs te gaan.

Vraag je belanghebbenden om input. Vraag je directie om steun. Neem ze mee in je ideaalbeeld en de uitwerking hiervan. Toets je ideaalbeeld ook aan de realiteit. Is het haalbaar? Maar laat je niet verleiden tot al te grote compromissen. Je hebt eerder je ideaalbeeld samengesteld om nu juist mensen te overtuigen mee te gaan. Ze mogen input leveren, maar dwaal niet te ver af. Een heldere toon is niet gebaat bij polderen. Weerstand is vanzelfsprekend, maar zonder enthousiasme lukt een nieuwe manier van spreken ook niet.

Nog niet klaar

Blijkt het niet haalbaar om tot overeenstemming te komen? Lukt het je niet om mensen mee te krijgen? Dan is je organisatie misschien gewoon nog niet klaar om menselijk te gaan praten. Houd rekening met deze mogelijkheid. Veel mensen hangen een bepaald gevoel van eigenwaarde aan jargon en moeilijk taalgebruik. De kans bestaat altijd dat je hier niet doorheen breekt.

Fase 3c – Vastleggen van de nieuwe toon

In deze laatste fase maken we onze nieuwe toon eenduidig helder aan de organisatie. We leggen de nieuwe toon vast. Denk hierbij aan regels en richtlijnen, stijlgidsen en trainingen. Beginpunt van het vastleggen is een stijlgids. Hiermee helpen we bestaande en nieuwe medewerkers om zich de nieuwe toon eigen te maken. In eerste instantie lijkt dit vooral een document voor het contentteam of de afdeling Communicatie en Marketing, maar denk per afdeling aan een verdere doorvertaling.

  •     Hoe nemen we de telefoon op volgens deze nieuwe toon?
  •     Hoe beantwoorden we de e-mail volgens deze nieuwe toon?
  •     Hoe spreken we in de winkel onze klanten aan volgens deze nieuwe toon?
  •     Hoe spreken we op social media?

Gebruik vooral ook de interne media om mensen mee te nemen in de nieuwe toon. Zorg voor trainingen en workshops. Met een document op intranet ben je er niet. Zoek intern je enthousiaste collega’s die mee willen in de nieuwe toon een laat hen ook aan het woord. Een nieuwe toon is een grote verandering, geef het tijd.

Afronden fase 3

We zijn in samenspraak met de organisatie tot een menselijke toon gekomen die werkbaar is. We hebben onze interne belanghebbenden meegenomen in deze reis. Het moet een toon van de organisatie zijn. We hebben hiervoor een stijlgids opgezet en hebben mensen zelf meegenomen door middel van trainingen en workshops binnen hun specifieke onderdeel.

Fase 4 – Doorvoeren

In de laatste fase gaan we ook echt met al onze content aan de slag. Waar het doorvoeren van de nieuwe toon in de organisatie vooral mensenwerk is – we gaan langs en nemen mensen mee – is het doorvoeren van de nieuwe toon in onze kanalen en middelen handwerk. Hier zie ik dan ook een duidelijke overlap met een contentstrategie. We weten nu waar onze content aan moet voldoen – dankzij de stijlgids – en kunnen toetsen hoe ver we al zijn.

Fase 4a: Content Inventarisatie

Waar we in de eerste fase een globale inventarisatie maken, pakken we het nu grondiger aan: op paginaniveau. Of dit nu een pagina online is, of een pagina in een brochure, maakt niet uit. We moeten door al deze content heen met een kritische blik. Wat hebben we allemaal? De inventarisatie ‘Welke kanalen en middelen zijn er?’ diepen we uit met ‘Welke content is er op deze kanalen en middelen?’ Wat is de huidige status?

Fase 4b: Content audit

Vervolgens spreken we hier een waardeoordeel over uit: Komt het in de buurt van de gewenste kwaliteit? We kijken kritisch naar de kwaliteit van onze online- en offline content aan de hand van onze stijlgids. Wat moet anders? Wat moet blijven? Wat kan weg?

Wees hierin zo consequent mogelijk. Een nieuwe manier van spreken heeft alleen kans van slagen als de toon overal hetzelfde is. Een klant moet geen verschil meer zien of voelen tussen al die verschillende uitingsvormen. Aan het einde van je content audit heb je helder:

  • Welke kanalen en middelen we hebben.
  • Welke pagina’s we hebben.
  • Wat de kwaliteit is van deze pagina’s.

Fase 4c: Zo laten, aanpassen of verwijderen

In de laatste fase maken we het verschil. We hebben een inventarisatie van onze kanalen en middelen (fase 1) gecombineerd met een inventarisatie op paginaniveau en hier een duidelijk oordeel over uitgesproken. Hieruit komt een duidelijke opdracht:

  • Deze pagina’s kunnen zo blijven – ze voldoen al aan de nieuwe toon.
  • Deze pagina’s moeten anders – ze moeten herschreven worden.
  • Deze pagina’s kunnen weg – ze passen qua inhoud en toon echt niet meer bij onze nieuwe manier van spreken.

Alleen door zo rigoureus te werk te gaan, kun je, je organisatie meenemen in de nieuwe toon. Kom je tot de conclusie dat een middel echt niet meer werkt? Ga er dan niet aan rommelen, maar maak het opnieuw. Een nieuwe toon is geen kwestie van kleine aanpassingen.

    De belangrijkste verandering die er in je organisatie moet gebeuren, is ophouden met zaken onnodig moeilijk te maken. En normaal te gaan praten.

Houd op met zaken onnodig moeilijk te maken

Lijkt het doorvoeren van een menselijke toon veel werk? Eigenlijk is dat het niet. De belangrijkste verandering die er in je organisatie moet gebeuren, is ophouden met zaken onnodig moeilijk te maken. En normaal te gaan praten. Deze aanpak moet uiteindelijk een helder resultaat hebben. Communicatie die consequent menselijk van toon is. En die congruent is. We praten eindelijk zoals we zijn – als mensen.

Eerder al verschenen op Frankwatching: http://www.frankwatching.com/archive/2015/01/27/geef-je-organisatie-een-menselijke-informele-toon-in-4-fases/

Ben je een vakman of draai je een inbussleutel?

Denk ik aan mijn opa, dan komen twee duidelijke herinneringen boven.

1. Hij gaf een stevige hand. Een HELE stevige hand. En je kon maar beter een stevige hand teruggeven, want anders brak hij je vingers waar je bij stond. Dat deed hij niet met opzet. Opa gaf gewoon een stevige hand. Dat doet een vent. Een man geeft geen slap handje.

Een hand met eelt.

De hand van een ambachtsman.


2. Hij had een kamer met een veelgebruikte werkbank met een grote, blauwe (of was hij groen?) gietijzeren bankschroef. Al zijn werktuig hing netjes op de juiste plek aan de muur.

Met een viltstift had hij een lijn om zijn gereedschap getekend. Zo kon alles direct op de juiste plek aan het juiste haakje terug worden gehangen. Spijkertjes in daarvoor bestemde bakjes. Schroefjes in andere bakjes. Een hele wand vol met eindeloos veel kleine bakjes.

En hij wist altijd waar alles lag.

Ik kwam graag in die kamer. Daar werden dingen gemaakt. Daar werd geknutseld. Daar rook het naar hout. Daar maakten echte handen tastbare objecten.

Na zijn dood kreeg ik de twee zware houten kisten met gereedschap. Een hele verzameling beitels in een juten zak. Hamers. Een handboor. Versleten. Bot. Beetje roestig. De houten handvatten donker van het vele gebruik.

Ik was niet van de handen. Nooit geweest. Kon nog geen spijker recht in het hout krijgen zonder twee blauwe duimen te slaan. Ik was altijd al meer van het hoofd. Van het rationele. Van het denken. Maar toch denk ik dat ik ergens wel iets mee heb gekregen van mijn opa.

Mijn liefde voor vakmanschap.

En soms maakt dat besef van vakmanschap me juist droevig. Ik benader mijn vak – copywriting – namelijk als een ambachtsman. Een vakman. Ik blijf schuren. Ik blijf beitelen. Ik blijf hameren. Totdat mijn vingers iets maken dat klopt. Dat bruikbaar is. Dat het hoogst haalbare voor dat moment is.

Daar haal ik voldoening uit. Eergevoel. Blijdschap. En trots.

Is daar vraag naar?

Nee.


Kun je even een website vullen? Moest gisteren klaar. Dankjewel en we zien de factuur wel verschijnen. 

Ondanks alle ontwikkelingen – online, mobiel, social – blijven we met z’n allen vakmensen. Toch? Mensen met een ambacht. We maken. We creëren. Virtueel en niet altijd even tastbaar als een mooie houten tafel. Maar toch… We zijn de creatieven. De artiesten…

Hoe kijk jij naar een website?

Ik zie design dat klopt. Ik zie content waar een copywriter op heeft zitten zwoegen. Ik zie techniek en code die optimaal werkt om een perfecte ervaring te bieden. Beweging. Kleur. Een vloeiend en kloppend geheel. Elke vakman en vakvrouw heeft vanuit zijn of haar ambacht het beste van zichzelf gegeven…

Niet dus.

Ik zie eenheidsworst. Ik zie liefdeloze content. Ik zie websites waar alles kan en mag – gooi maar online, wat maakt het uit. Frommel even snel een Ikea-meubeltje in elkaar. Even een uurtje. Hop een factuurtje. Ondoordacht. Haastig gemaakt. Eindeloze compromissen die zorgen voor een nietszeggende ervaring.

Ik mis het ambachtelijke online. De passie. De handen met eelt.  De trots.

Oh ja en koppig!

Dat was mijn opa ook. Eigenlijk is iedereen in de familie koppig. Afgrijselijk koppige mensen. Dus blijf ik lekker koppig ambachtelijk denken. Genieten van vakmanschap.

En krijgen jullie maar lekker het zuur met je inbussleutel.

Exclusief! Meer dan 500 Nederlandse krachtwoorden voor een sterkere tekst

Zoals jargon staat voor woorden met weinig zeggingskracht, zo staan krachtwoorden voor termen die iets bij ons doen. Ze prikkelen. Ze maken nieuwsgierig. Ze zorgen dat we verder willen blijven lezen. Het zijn de woorden die onze aandacht trekken in het tijdschriftenrek. Die ons aanzetten om op een link te klikken. Het zijn de woorden die direct een beeld oproepen. Woorden met urgentie. Pas deze krachtwoorden toe – met mate – en je tekst komt direct levendiger over. 

Enkele termen zijn Engels, maar in Nederland bekend.

A
Aanbod
Aanmelden verplicht
Aantrekkelijk
Aanzienlijk
Absoluut
Achter de schermen
Adembenemend
Advies
Alarm
Alleen beschikbaar voor abonnees
Alleen hier beschikbaar
Alleen vandaag
Alleen voor leden
Alstublieft
Altijd
Anoniem
Authentiek
Autoriteit


B
Baanbrekende
Begeren
Begrijpen
Behulpzaam
Bekend
Bekentenissen
Bekwaamheid
Belangrijk
Beloning
Beperkt
Beperkt aanbod
Beperkte tijd
Bereiken
Beroemd
Beschermd
Beschermen
Beste
Best-selling
Betaalbare
Beter
Betrouwbaar
Bevorderen
Bewezen
Blij
Bom
Bonus
Buitengewoon

C
Compleet
Concurrerend
Contant
Controversiële
Cover-up
Creëren
Crisis

D
Daarom
Dankbaar
Dankzij
Dapperheid
De waarheid over
Direct
Dodelijk
Doorbraak
Drievoudig
Dubbele
Duizelingwekkende
Durf
Dus
Dwingende

E
Echt
Eenvoudig
Eerlijke behandeling
Eerlijke prijs
Eerste
Energie
Eng
Enorm
Enorme
Exclusief
Exclusieve aanbiedingen
Expert
Extra
Eye-opening

F
Fascinerend
Focus
Fortuin
Fout
Freebie
Fundamentals
Fundamenteel

G
Garantie
Gecensureerd
Gecertificeerd
Geen risico
Geen verplichting
Geen vragen
Gegarandeerd
Geheim
Gek
Gekozen
Geld
Geleverd
Geloof
Gemakkelijk
Genieten
Genot
Gepersonaliseerde
Gereduceerd
Gerichte
Geschenk
Geschikt
Geschokt
Geslaagd
Getest
Gevaar
Gevaarlijk
Gezocht
Gezondheid
Gezondheid / gezonde
Giftig
Gigantisch
Goedkoop
Gratis
Gratis geschenk
Groei
Groot
Grootste
Gruwelijk

H
Haast
Hacks
Hart
Haten
Heet
Held
Help
High tech
Hitsig
Hoe
Hoogst
Hopen
Hypnotisch

I
Innovatieve
Insider
Inspireert
Interessant
Introductie van
Invasie

J
Ja
Juichen
Juichend

K
Kansen
Kleurrijk
Kolossaal
Kom langs
Koopje
Korting
Krachtig
Krankzinnige
Kritisch
Kwaad
Kwaliteit
Kwetsbaar

L
Laagste
Laatst
Laatste kans
Last minute
Launching
Leerzaam
Leren
Levensduur
Liberaal
Lidmaatschap
Liefde
Lot
Lust
Luxe
Luxueus

M
Magie
Massief
Meedogenloos
Meer
Miljard
Mirakel
Mis het niet
Misbruik
Mislukken
Moed
Moker
Moneyback
Monumentaal
Mooi

N
Naakt
Nachtmerrie
Nemen
Net aangekomen
Niet in winkels
Nieuw
Nieuwe
No strings attached
Noodlottig
Nooit
Nu
Nuttig

O
Obsessie
Officieel
Off-limits
Omdat
Onaangenaam
Onbeperkt
Onbevoegd
Onbevreesd
Onderschreven
Onderzoek
Ondeugend
Oneven
Ongebruikelijk
Ongeëvenaard
Ongerijmd
Onmiddellijk
Onovertroffen
Ontbloten
Ontdek
Onthullend
Ontsluiten
Ontstellend
Onvoorwaardelijk
Onwettig
Op de loer
Op dit moment
Opgewonden
Opkomende
Oplossing
Opmerkelijk
Oppassen
Opslaan
Opstijgen
Opwindend
Opzichtig
Overwinning

P
Paniek
Particulier
Perspectief
Pijnlijk
Plezier
Plotseling
Plus
Populair
Prachtig
Praktisch
Première
Prijs
Privacy
Probeer (voordat je koopt)
Professioneel
Provocerend

R
Razend
Razernij
Recessie
Relevant
Restitutie
Resultaten
Reusachtig
Revolutionair
Rijk
Rijkdom
Rijkelijk
Riskant
Robuust

S
Schaamteloos
Schaars
Schandalig
Schat
Scherp
Scherp omlijnd
Schokkend
Secrets
Seks
Sensationeel
Sensueel
Simpel
Simplistisch
Sinds
Slechts 10 beschikbaar
Slechtst
Slinks
Snel
Sociaal
Social media
Spaargeld
Speciaal
Speciale aanbieding
Spectaculaire
Speling
Spotlight
Stap-voor-stap
Sterk
Stom
Stomend
Straffen
Superieur
Survival
Sympathiek

T
Technologie
Terreur
Terrorist
Terugbetaling
Tijd
Tijdig
Toegewijd
Top
Triomf

U
Uitdaging
Uitdagend
Uitstekend
Ultiem
Uncensored
Uniek
Urgent
Uw

V
Val
Valkuil
Vandaag
Veelbelovend
Veilig
Veiligheid
Verachtelijk
Verandering
Verbazend
Verbazingwekkend
Verbeelding
Verbeterde
Verbeteren
Verbetering
Verblind
Verboden
Verborgen
Verborgen
Verdampen
Verdorven
Vereenvoudigd
Vergelijken
Vergeten
Verhogen
Verjaardag
Verkoop
Verleidelijke
Verliezer
Verloren
Verminderen
Vermogen
Vernietigen
Vernieuwd
Veroorzaakt door
Veroveren
Verpletteren
Verraderlijk
Verrassend
Verrassing
Verrukt
Verschrikkelijk
Versterkt
Verstrikt
Vertrouwelijk
Vertrouwen
Verviervoudigen
Vervullen
Verwoestende
Verwond
Verwonderlijk
Verzekeren
Vies
Vluchtig
Vogelvrij
Vol
Volbrengen
Volgen
Voordeel
Voorzichtigheid
Vraag om een uitnodiging
Vreemd
Vurig

W
Waarde
Waardevol
Waarschuwing
Walgelijk
Weerzinwekkend
Wees de eerste
Wees een van de weinige
Weet het allemaal
Welvaart
Weten
Wetenschap
Wilskracht
Winnend
Winst
Winstgevend
Word een insider
Word lid
Wraak
Wulps

Z
Zalig
Zich voorstellen
Zondig
Zorgen
Zuinig
Zwak
Zwarte handel
Meewerken aan deze lijst? Laat gerust een commentaar achter met jouw krachtwoorden.

Jargon killen? Dat doen we op z’n Rotterdamst tijdens Social Media Week Rotterdam #smwrdam

Voor het eerst in de Benelux: Social Media Week. En wel in Rotterdam! In de week van 22 t/m 26 september is Rotterdam het epicentrum van social media in de Benelux. Social Media Week is een internationaal inspiratiecongres en vindt twee keer per jaar plaats in steden zoals New York, Berlijn, Londen en Tokyo. 

Het inspiratiecongres over social media en innovatie ontstond vijf jaar geleden in New York. Tweemaal per jaar wordt het, in meer dan 20 steden wereldwijd, georganiseerd. Het thema van deze editie is ‘The Future of Now’.






In september wordt het evenement op 20 plekken tegelijkertijd georganiseerd in steden als Sydney, Johannesburg, Berlijn en London. In vijf dagen proberen interessante sprekers en sponsoren antwoord te krijgen op vragen als: hoe zorgen we ervoor dat technologie ons méér tijd en focus geeft, in plaats van steeds minder? En hoe zetten we technologie in om echt sociaal te zijn, zowel privé als zakelijk?



Dagthema’s
Social Media Week Rotterdam duurt 5 dagen. Deze thema’s staan centraal:
Maandag 22 september: Very Social Person kickoff event
Dinsdag 23 september: Government & Society
Woensdag 24 september: Education & Business
Donderdag 25 september: Sport & Leisure
Vrijdag 26 september: Culture & Music

Op 23 september mag ik de zaal inspireren tijdens een sessie Jargon Killen. Kom zeker even langs.